Vliegtijd & gedrag
Afhankelijk van plaats en hoogte: begin mei-september in één generatie.
Verspreiding in Nederland
Trends
De grafiek toont de veranderingen van de talrijkheid in de loop van de tijd. De gegevens zijn afkomstig uit het Landelijk Meetnet Vlinders (CBS / De Vlinderstichting) en de Nationale Databank Flora en Fauna.
Levenscyclus
Er zijn geen waarnemingen van rupsen bekend in Nederland. De soort overwintert als ei in de strooisellaag.
Herkenning
Kenmerken vlinder
Voorvleugellengte: 34-40 mm. Een grote, wit met zwarte vlinder met op de bovenkant van de achtervleugel twee grote, opvallende, zwart omrande rode stippen.
Kenmerken rups
Tot 50 mm; lijf fluweelzwart, bedekt met korte zwarte haren die op kleine wratten staan ingeplant; op beide flanken bevinden zich ter hoogte van de spiracula grote en kleine, ronde oranjerode vlekken; kop zwart.
Foto's
Ei-afzet
Rups
Vlinder
Museum
Verspreiding
Zeldzaamheid
De apollovlinder is een (omstreden) dwaalgast die in totaal zevenmaal in Nederland is waargenomen. Waarschijnlijk hebben alle waarnemingen betrekking op thuis opgekweekte exemplaren of dieren die als rups of pop zijn meegenomen uit het buitenland (de poppen zit tussen vetkruidvegetatie, die soms verzameld wordt voor rotstuintjes). De dichtstbijzijnde populatie bevindt zich op de steile hellingen in het Moezeldal.
Mobiliteit
Volgens de literatuur is de apollovlinder honkvast.
Europa
De soort staat als kwetsbaar op de Europese Rode Lijst.
Mondiaal
De apollovlinder leeft in een aantal geïsoleerde populaties in Scandinavië, de Alpen, de Karpaten en Zuid-Europa. De dichtstbijzijnde populatie vliegt in het Moezeldal, waar de soort achteruitgaat. In de Vogezen komt de soort nog op één plaats voor. Er is één oude waarneming uit Luxemburg.