Vliegtijd & gedrag
Half mei-half augustus in één generatie; soms een partiële tweede generatie. De vlinders worden overdag soms vanuit het gebladerte opgejaagd. Ze zijn ´s nachts actief en komen, vaak in grote aantallen, op licht en soms op smeer.
Verspreiding in Nederland
Trends
De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.
Levenscyclus
Rups: juni-september. Rust overdag tussen samengesponnen bladeren en foerageert ´s nachts.
Herkenning
Kenmerken vlinder
Voorvleugellengte: 17-21 mm. Een goed kenmerk is de donkere maanvormige kleine middenvlek op de voorvleugel; deze vlek is soms wat vaag. Kenmerkend is ook het donkere schuine streepje dat, anders dan bij de andere or-vlindersoorten, niet uit de uiterste vleugelpunt ontspringt maar vanaf de plek waar de golflijn de voorrand bereikt.
Gelijkende soorten vlinder
Zie de tweestip-orvlinder (Ochropacha duplaris).
Foto's
Rups
Vlinder
Verspreiding
Zeldzaamheid
Vrij algemeen. Komt lokaal op de zandgronden in het binnenland voor. RL: kwetsbaar.
België
In Vlaanderen vrij zeldzaam ten oosten van de lijn van Antwerpen-Brussel, maar lokaal algemeen. Zeldzaam in Oost- en West-Vlaanderen. In Wallonië vrij zeldzaam en wijdverbreid ten zuiden van Samber en Maas. De soort staat als Kwetsbaar op de Rode Lijst van Vlaanderen (Veraghtert et al. 2023).
Mondiaal
Van West-Europa naar het noorden tot Midden-Scandinavië. Ontbreekt mogelijk in Zuid-Europa. Naar het oosten via Rusland tot Japan.