Kwetsbaar

Gele snuituil

Paracolax tristalis

Vliegtijd & gedrag

Half juni-eind augustus in één generatie. De vlinders vliegen vanaf de schemering en komen zowel op licht als op smeer. Overdag zijn ze gemakkelijk op te jagen uit lage vegetatie; vaak maken ze een korte vlucht en gaan daarna op de onderzijde van een blad zitten.

Gele snuituil

Verspreiding in Nederland

Gele snuituil

Trends

De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.

Levenscyclus

Rups: augustus-juni. De rups overwintert tussen samengesponnen bladeren op de grond en daar vindt ook de verpopping plaats in een cocon.

Herkenning

Kenmerken vlinder

Voorvleugellengte: 14-16 mm. Deze snuituil is gemakkelijk van alle verwante soorten te onderscheiden door de warme zandbruine kleur van zowel de voor- als de achtervleugel. Op de fijn bestoven voorvleugel bevinden zich twee donkere dwarslijnen en de middenvlek is zichtbaar als een smal donker streepje. Evenals de andere snuituilen heeft deze soort een opvallende ‘snuit’, gevormd door de lange palpen.

Gelijkende soorten vlinder

Bij de geellijnsnuituil (Trisateles emortualis) zijn de dwarslijnen rechter en altijd lichter dan de grondkleur van de voorvleugel.

Foto's

Verspreiding

Zeldzaamheid

Vrij zeldzaam. Komt verspreid en lokaal voor in de duinen en op de zandgronden in het binnenland. RL: kwetsbaar.

België

Zeer zeldzaam in Vlaanderen. Slechts enkele recente waarnemingen uit Oost-Vlaanderen, Antwerpen, Vlaams-Brabant en Limburg. Zeldzaam in Wallonië, vooral waargenomen in Namen. De soort staat op de Rode Lijst van Vlaanderen als Bijna in Gevaar (Veraghtert et al. 2023).

Mondiaal

Wijdverbreid in Europa van de Atlantische kusten tot in de Oeral, van de Pyreneeën tot Zuid-Engeland en Zuid-Zweden. Naar het oosten via Klein-Azië, Siberië en Japan tot Sachalin en Korea.

Habitat

Vooral loofbossen en kapvlakten met open zonnige plekken.

Kapvlakten

Loofbossen

Waardplanten

Diverse loofbomen en struiken, waaronder eik, meidoorn en hazelaar; ook afgevallen blad.

Eik

Hazelaar

Meidoorn

Benaming

  • Engelse naam Clay Fan-foot
  • Duitse naam Trübgelbe Spannereule
  • Franse naam l’Herminie dérivée
  • Synoniemen Paracolax derivalis
    Herminia derivalis
    Herminea derivalis
    Paracolax glaucinalis

Meer over de naam

Toelichting Nederlandse naam
De snuituilen hebben opvallend naar voren uitstekende palpen (de snuit) op de kop van de vlinder.De grondkleur van deze soort is meer oker dan geel; de bijzondere kleur is wel kenmerkend. Meer over Nederlandse namen

Toelichting wetenschappelijke naam
Paracolax: para- is naast, vaak een gelijkenis aanduidend en kalox is een vleier; die mogelijk een deel van zijn techniek van anderen over heeft genomen. Mogelijk vanwege de onderlinge gelijkenis van de vier soorten die Hübner in dit genus opnam.tristalis: tristis is saai, somber, naar de wat sbere kleur van de vleugels.

Auteursnaam en jaartal
(Fabricius, 1794)

Geef je waarneming door!

Heb je een bijzondere vlinder of libel gespot? Meld het ons! Jouw waarnemingen zijn waardevol voor het behoud van deze insecten. Samen kunnen we hun populaties in kaart brengen en beschermen. Help mee aan het behoud van deze prachtige dieren en draag bij aan de wetenschap van de biodiversiteit.

Waarneming melden