Vliegtijd & gedrag
Half april-begin juli in één generatie. De vlinders komen op licht en op smeer en laten zich overdag gemakkelijk opjagen uit de strooisellaag.
Verspreiding in Nederland
Trends
De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.
Levenscyclus
Rups: juni-augustus. De rups foerageert op de jonge loten van de waardplant en wordt vrijwel uitsluitend op kleine eiken aangetroffen met een zeer warme standplaats. De rupsen zitten opvallend vaak op eiken die door meeldauw aangetast zijn. De soort overwintert als pop in een stevige cocon in de strooisellaag.
Herkenning
Kenmerken vlinder
Voorvleugellengte: 23-26 mm. De voorvleugel van deze spinneruil is warmbruin of grijsachtig bruin met langs de buitenzijde van de buitenste dwarslijn een donkerbruine, soms bijna zwartachtige schaduwband. Opvallend zijn de licht golvende, crèmekleurige of geelachtige centrale dwarslijnen en de vrij kleine donkerbruine middenvlek; de ringvlek is gereduceerd tot een zwarte stip of ontbreekt. De achtervleugel is lichtbruin met een goudkleurige glans en heeft een iets donkerdere middenband.
Foto's
Rups
Pop
Vlinder
Verspreiding
Zeldzaamheid
Zeldzaam. Komt lokaal voor in de duinen van Noord-Holland en op de zandgronden in het binnenland, voornamelijk op de Veluwe en in Noord-Brabant; daarbuiten slechts af en toe een waarneming. RL: gevoelig.
België
Zeer zeldzaam. Komt voor in de Viroinvallei; in Vlaanderen slechts twee recente waarnemingen uit Antwerpen en West-Vlaanderen. De soort staat als Bedreigd op de Rode Lijst van Vlaanderen (Veraghtert et al. 2023).
Mondiaal
Van Algerije en Marokko in het zuidwesten tot Zuid-Engeland en Zuid-Zweden in het noorden. Ontbreekt in grote delen van Noord-Duitsland, Scandinavië, de Baltische staten en Noord-Polen. Naar het oosten tot Voor-Azië.