Vliegtijd & gedrag
Half juni-begin september in één generatie. De mannetjes vliegen aan het eind van de middag en ´s avonds, de vrouwtjes vooral ´s avonds; beide komen ook op licht en zijn op die manier het gemakkelijkst waar te nemen.
Verspreiding in Nederland
Trends
De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.
Levenscyclus
Rups: eind maart-juni. De rups foerageert vooral ´s nachts, maar is ook overdag etend en zonnend te vinden. De rups verpopt zich op de grond in een stevige bruine cocon, die gewoonlijk wordt vastgemaakt aan de vegetatie. De soort overwintert als ei, los tussen korte vegetatie.
Herkenning
Kenmerken vlinder
Voorvleugellengte: ♂ 21-24 mm, ♀ 25-30 mm. Een goed herkenbare warm roodachtig bruine spinner, met een gebogen, donkere (niet altijd zichtbare) buitenste dwarslijn met een smalle lichte afzetting op de voorvleugel en een helder witte middenvlek. Soms is ook een vage lichte vlek in het wortelveld zichtbaar. De afstand van de buitenste dwarslijn tot de achterrand van de vleugel is bij de vleugelpunt kleiner dan bij de binnenrandhoek.
Kenmerken rups
Tot 60 mm; lichaam zwart, overdekt met roodachtig bruine haren op de rug en grijsachtig witte haren op de flanken; over de rug drie rijen kleine, blauwachtig witte vlekjes; nek- en anaalschild op resp. segment een en dertien oranje met zwarte tekening; kop zwart met roodachtig bruine tekening.
Gelijkende soorten vlinder
Met name donkere exemplaren van het relatief kleine mannetje zouden verward kunnen worden met de wolspinner (Eriogaster lanestris) die echter kleiner is en altijd een duidelijke lichte vlek in het wortelveld heeft. Bij de hagenheld (L. quercus) is de afstand van de buitenste dwarslijn tot de achterrand bij de vleugelpunt groter dan bij de binnenrandhoek. Verder is bij deze soort, met name bij het mannetje, sprake van een brede lichte afzetting van de (doorgaans niet zichtbare) buitenste dwarslijn, en zet deze zich bovendien voort op de achtervleugel. Zie ook de kersenspinner (Odonestis pruni) en de herfstspinner (Lemonia dumi).
Gelijkende soorten rups
Hagenheld (Lasiocampa quercus).N.B.: vergelijk behalve de uiterlijke kenmerken ook de tijd van het jaar waarin de rupsen voorkomen, het habitat en de waardplant(en).
Foto's
Rups
Pop
Vlinder
Verspreiding
Zeldzaamheid
Vrij zeldzaam. Komt op de Veluwe en in de duinen voor; ook elders op de zandgronden wordt deze soort geregeld waargenomen. RL: kwetsbaar.
België
In Vlaanderen zeldzaam maar wijdverbreid in de Kempen; lokaal vrij algemeen. Zeer zeldzaam en sterk achteruitgegaan aan de kust. In Wallonië zeer zeldzaam en grotendeels ontbrekend; geen recente waarnemingen. De soort staat als Bedreigd op de Rode Lijst van Vlaanderen (Veraghtert et al. 2023).
Mondiaal
Van het Iberisch schiereiland via West-Europa (inclusief zuidoost-Engeland) en Midden-Europa oostwaarts tot Zuid-Rusland en Voor-Azië. In het noorden loopt de grens over Zuid-Scandinavië en in het zuiden tot de kustlanden van Noord-Afrika.