Moeras-micro-uil

Hypenodes humidalis

Vliegtijd & gedrag

Eind mei-begin oktober in twee generaties; de tweede generatie is partieel. De vlinders vliegen aan het eind van de middag en in de schemering en zijn soms in zwermen aan te treffen. Ze komen zowel op licht als op smeer.

Moeras-micro-uil

Verspreiding in Nederland

Moeras-micro-uil

Trends

De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.

Levenscyclus

Rups: juli-mei. In Nederland is de rups van deze soort nog niet met zekerheid in de vrije natuur vastgesteld; het is wel gelukt om te kweken met gevangen vlindervrouwtjes. De soort overwintert als rups. De verpopping vindt plaats tegen de stengel van de waardplant.

Herkenning

Kenmerken vlinder

Voorvleugellengte: 6-8 mm. Deze snuituil kan vanwege de kleine afmetingen en de slanke bouw gemakkelijk worden aangezien voor een microvlinder. Kenmerkend is het patroon van de diagonale donkere dwarslijnen, waarvan de buitenste eindigt in de vleugelpunt. Evenals de andere snuituilen heeft deze soort een opvallende 'snuit', gevormd door de lange palpen.

Gelijkende soorten vlinder

De gelijnde micro-uil (Schrankia taenialis) en de gepijlde micro-uil (Schrankia costaestrigalis) zijn iets groter en missen de duidelijke, tot in de vleugelpunt lopende golflijn. Zie ook het klein purperuiltje (Eublemma parva).

Foto's

Verspreiding

Zeldzaamheid

Vrij algemeen. Een soort die zeer verspreid en lokaal op de zandgronden in het binnenland voorkomt; daarbuiten ook af en toe een waarneming. RL: niet bedreigd.

België

Zeer zeldzaam in Vlaanderen maar toegenomen. Beperkt tot de Antwerpse en Limburgse Kempen en enkele locaties in Vlaams-Brabant en Oost-Vlaanderen; lokaal in hoge aantallen. In Wallonië zeer zeldzaam, met enkele vindplaatsen in Namen en Luxemburg. De soort staat als Bedreigd op de Rode Lijst van Vlaanderen (Veraghtert et al. 2023).

Mondiaal

De noordgrens loopt van Midden-Engeland via Lapland tot de Oeral. Naar het oosten tot het Amoergebied. In Europa naar het zuiden tot Zuid-Frankrijk, de noordrand van de Alpen, Zuid-Hongarije, de Karpaten en de Donaudelta. Oudere opgaven uit Noord-Amerika betreffen een andere soort (H. palustris, Ferguson, 1954).

Habitat

Heiden, moerassen en vochtige graslanden.

Graslanden

Heiden

Moerassen

Waardplanten

Diverse grassen, waaronder pijpenstrootje en zeggensoorten; ook struikhei. Deze waardplanten zijn gebaseerd op de bij ‘Levenscyclus’ genoemde kweekervaringen met gevangen vlindervrouwtjes. In Finland ook wateraardbei.

Ganzerik

Pijpenstrootje

Struikhei

Zegge

Benaming

  • Engelse naam Marsh Oblique-barred
  • Duitse naam Moor-Motteneule
  • Franse naam l’Hypénode des tourbières
  • Synoniemen Schrankia humidalis
    Hypenodes turfosalis
    Tholomiges turfosalis

Meer over de naam

Toelichting Nederlandse naam
De micro-uilen zijn klein en worden vaak aangezien voor microvlinders. Deze moeras-micro-uil is er daar één van. Deze soort voelt zich thuis in moerassen en vochtige gebieden. Meer over Nederlandse namen

Toelichting wetenschappelijke naam
Hypenodes: het genus Hypena en eidos, od- is de vorm. Gelijkend op Hypena dus.humidalis: humidus is vocht; verwijzend naar de habitat: zure heiden en mossen.

Auteursnaam en jaartal
Doubleday, 1850

Geef je waarneming door!

Heb je een bijzondere vlinder of libel gespot? Meld het ons! Jouw waarnemingen zijn waardevol voor het behoud van deze insecten. Samen kunnen we hun populaties in kaart brengen en beschermen. Help mee aan het behoud van deze prachtige dieren en draag bij aan de wetenschap van de biodiversiteit.

Waarneming melden