Phegeavlinder

Amata phegea

Vliegtijd & gedrag

Eind mei-half augustus in één generatie. De vlinders zijn overdag actief en bezoeken bloemen.

Phegeavlinder

Verspreiding in Nederland

Phegeavlinder

Trends

De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.

Levenscyclus

Rups: augustus-mei. De soort overwintert als rups.

Herkenning

Kenmerken vlinder

Voorvleugellengte: 18-22 mm. Zowel de voor- als de achtervleugel is inktkleurig blauwzwart met enkele halfdoorschijnende witte vlekken. Op het achterlijf bevinden zich één of twee gele banden en de antennen hebben witte uiteinden.

Kenmerken rups

Tot 30 mm; bekleed met korte grijze haarborstels op enigszins verheven, zwarte wratten; kop roodachtig bruin.

Gelijkende soorten rups

Vierstipbeertje (Cybosia mesomella), rozenblaadje (Miltochrista miniata) en rondvleugelbeertje (Thumatha senex). N.B.: vergelijk behalve de uiterlijke kenmerken ook de tijd van het jaar waarin de rupsen voorkomen, het habitat en de waardplant(en).

Foto's

Verspreiding

Zeldzaamheid

Vrij algemeen. Een soort met populaties in de noordelijke helft van Limburg, het aangrenzende deel van Noord-Brabant en in de buurt van Bergen op Zoom; op de vliegplaatsen soms talrijk aanwezig. Buiten de bekende populaties worden af en toe zwervers aangetroffen, soms op grote afstand van de genoemde gebieden. RL: niet bedreigd.

België

Zeldzaam; beperkt tot enkele bolwerken in Antwerpen, Limburg en Vlaams-Brabant en daar lokaal algemeen. In Wallonië ontbrekend. De soort staat op de Rode Lijst van Vlaanderen als Momenteel niet in Gevaar (Veraghtert et al. 2023).

Mondiaal

Een Midden- en Zuid-Europese soort, oostelijk in Klein-Azië en door Siberië tot aan het Altajgebergte. Ontbreekt in Engeland en Zuid-Italië. In Spanje alleen aan de zuidkant van de Pyreneeën. In het zuidoosten van het areaal is verwisseling mogelijk met Amata kruegeri (Ragusa, 1904). Deze heeft grotere witte vlekken op de achtervleugel en vliegt in de Franse Alpen, de zuidelijke Alpen, Italië met inbegrip van Sicilië en een deel van de Balkan. Beperkt tot Zuid-Italië is er ook nog Amata marjana (Stauder, 1913). Met eveneens grotere witte vlekken, zowel op de voor- als de achtervleugel. De soorten zijn eigenlijk alleen goed te determineren aan de hand van de genitaliën.

Habitat

Bloemrijke graslanden, bosranden en bospaden in droge dennenbossen, oude steengroeven en open plekken in het bos.

Bospaden

Bosranden

Graslanden

Open plekken in het bos

Steengroeven

Waardplanten

Diverse kruidachtige planten, waaronder dovenetel, walstro en paardenbloem. In winter en vroege voorjaar ook mossen.

Bladmos

Dovenetel

Paardenbloem

Walstro

Benaming

  • Duitse naam Weißfleckwidderchen
  • Franse naam le Sphinx du pissenlit
  • Oud Nederlandse naam melkdrupje
    witgevlekte bloedvlekvlinder
  • Synoniemen Syntomis phegea

Meer over de naam

Toelichting Nederlandse naam
Phegeavlinder is een reeds lang gebruikte naam in tuinbouwkringen Zie ook ’toelichting wetenschappelijke naam’. Meer over Nederlandse namen

Toelichting wetenschappelijke naam
phegea: Phegea is de dochter van Phegeus, koning van Psophos in Arcadië.

Auteursnaam en jaartal
(Linnaeus, 1758)

Geef je waarneming door!

Heb je een bijzondere vlinder of libel gespot? Meld het ons! Jouw waarnemingen zijn waardevol voor het behoud van deze insecten. Samen kunnen we hun populaties in kaart brengen en beschermen. Help mee aan het behoud van deze prachtige dieren en draag bij aan de wetenschap van de biodiversiteit.

Waarneming melden