Gevoelig

Tijgerbeertje

Setina irrorella

Vliegtijd & gedrag

Half mei-eind juli in één generatie. De mannetjes vliegen aan het eind van de middag, in de schemering en bij zonsopkomst. Zowel de mannetjes als de vrouwtjes komen op licht en rusten ´s nachts en overdag op grasstengels.

Tijgerbeertje

Verspreiding in Nederland

Tijgerbeertje

Trends

De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.

Levenscyclus

Rups: augustus-juni. De soort overwintert als rups. De verpopping vindt plaats in een losse cocon tussen stenen.

Herkenning

Kenmerken vlinder

Voorvleugellengte: 11-18 mm. Kenmerkend zijn de drie rijen kleine zwarte vlekjes die dwars over de eigele voorvleugel lopen. De voorrand van de voorvleugel is helemaal recht, vooral bij het mannetje, waardoor de vlinder in rust de vorm heeft van een driehoek. Het vrouwtje is kleiner en heeft een smallere voorvleugel.

Foto's

Verspreiding

Zeldzaamheid

Zeer zeldzaam. Een soort die na 1980 nauwelijks meer in ons land wordt waargenomen. Deze soort kwam vroeger vooral voor in Gelderland, Limburg en Noord-Brabant en was op de vliegplaatsen vaak algemeen. RL: gevoelig.

België

Wellicht verdwenen in Vlaanderen, waar de soort na 1980 in Antwerpen en Limburg gezien werd. Zeldzaam en lokaal in Wallonië, vooral in de kalkstreek. De soort staat als Regionaal Uitgestorven op de Rode Lijst Vlaanderen (Veraghtert et al. 2023).

Mondiaal

Van Zuid- en West-Europa, inclusief de Britse eilanden, noord- en oostwaarts via de gematigde zone tot Oost-Siberië en Kamtsjatka. Naar het noorden tot boven de poolcirkel. In het zuiden verloopt de grens over Zuid-Frankrijk, de Balkan tot de Zwarte Zee.

Habitat

Vooral graslanden.

Graslanden

Waardplanten

Korstmossen; vaak op stenen.

Gewoon korstmos

Benaming

  • Engelse naam Dew Moth
  • Duitse naam Trockenrasen-Flechtenbärchen
  • Franse naam l’Endrosie diaphane
    la Rosée
    la Diaphane
  • Oud Nederlandse naam kleine tijger
    steenmosbeertje
  • Synoniemen Philea irrorella
    Endrosa irrorella
    Setina irrorea

Meer over de naam

Toelichting Nederlandse naam
De aanduiding beertje heeft deze soort gemeen met de kleinere soorten uit de familie van de beervlinders (Arctiidae). De naam beervlinders heeft deze familie te danken aan het uiterlijk van de rupsen die dicht behaard zijn en daardoor aan een beer doen denken. Dit tijgerbeertje wordt in verband gebracht met de grote beren gele en witte tijger; de kleur is wat erg geel maar verder lijkt dit beertje wel wat op een verkleinde uitgave van die twee. Meer over Nederlandse namen

Toelichting wetenschappelijke naam
Setina: ses is een nachtvlinder. Schrank vertaalt de aanduiding ‘Motteule’. De uitleg van o.a. Macleod dat Setina komt van ‘een stad in Latium’ is niet juist: geografische genusnamen kwamen pas later.irrorella: irroro is met dauw besprenkelen: Linnaeus geeft geen uitleg maar een tekening bij Clerck (1759) laat flink wat zwarte spetters zien. Een letterlijke verklaring is ook mogelijk omdat de vlinder hangend aan grasstengels gevonden kan worden met de vleugels helemaal bedauwd.

Auteursnaam en jaartal
(Linnaeus, 1758)

Geef je waarneming door!

Heb je een bijzondere vlinder of libel gespot? Meld het ons! Jouw waarnemingen zijn waardevol voor het behoud van deze insecten. Samen kunnen we hun populaties in kaart brengen en beschermen. Help mee aan het behoud van deze prachtige dieren en draag bij aan de wetenschap van de biodiversiteit.

Waarneming melden