Vliegtijd & gedrag
Half mei-eind september in één generatie. De vlinders vliegen vanaf de schemering en komen soms op licht en op smeer; ze bezoeken bloemen van onder andere kamperfoelie, silene en teunisbloem.
Verspreiding in Nederland
Trends
De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.
Levenscyclus
Rups: begin juli-begin oktober. De rups foerageert overdag en wordt soms zonnend aangetroffen. De soort overwintert als pop (soms meerdere jaren) in een stevige cocon op of in de grond.
Herkenning
Kenmerken vlinder
Voorvleugellengte: 19-23 mm. De grijze binnenste helft van de voorvleugel van deze Cucullia-soort contrasteert sterk met het roodachtig bruine deel langs de voorrand, waarin zich de enigszins licht afstekende ringvlek en niervlek bevinden. De binnenrandhoek en een smalle streep langs de binnenrand zijn eveneens roodachtig bruin. Dichtbij de binnenrandhoek ligt een wit halvemaanvormig vlekje.
Kenmerken rups
Tot 45 mm; lichaam groen, roze of purperachtig-rood met over de rug een heldergele, zwartgezoomde middenstreep met aan weerszijden een paar smalle zwarte lengtestrepen; onder de lijn van de spiracula een zwartgezoomde, gele lengtestreep; kop groen tot roze met zwarte stipjes.
Gelijkende soorten vlinder
De kuifvlinder (C. verbasci) en de helmkruidvlinder (C. scrophulariae) hebben een geschulpte achterrand, minder grijs op de voorvleugel en dichtbij de binnenrandhoek liggen twee witte halvemaanvormige vlekjes; de ringvlek en niervlek zijn niet zichtbaar. De kuifvlinder vliegt bovendien vroeger in het jaar.
Foto's
Rups
Vlinder
Verspreiding
Zeldzaamheid
Zeldzaam. Komt lokaal voor in het kustgebied; elders af en toe een waarneming. RL: bedreigd.
België
In Vlaanderen zeer zeldzaam en lokaal; nagenoeg beperkt tot de kuststreek en de polders in Oost- en West-Vlaanderen. Vroeger ook gekend uit Antwerpen en Limburg. In Wallonië vroeger waargenomen in alle provincies, maar recente waarnemingen ontbreken. De soort staat als Bedreigd op de Rode Lijst van Vlaanderen (Veraghtert et al. 2023).
Mondiaal
Vooral in Midden-Europa. Naar het noorden tot Midden-Engeland, Denemarken, Zuid-Zweden (ook exemplaren in Zuid-Noorwegen en Midden-Zweden). Naar het zuiden tot de zuidrand van de Pyreneeën, de Alpen en de Karpaten (ook exemplaren in Macedonië en Bulgarije) tot Oekraïne en de Kaukasus. Naar het oosten tot Transkaukasië, Noord-Iran, West-Siberië tot Tien Shan met nog een geïsoleerd voorkomen in Toerkestan. Oude opgaven uit het Amoergebied en Japan hebben waarschijnlijk betrekking op verwante soorten.