Incidenteel

Bleke stofuil

Athetis gluteosa

Vliegtijd & gedrag

In het buitenland: eind juni-half augustus in één generatie. De vlinders zijn nachtactief en komen op licht, soms in aantal, maar ze zijn nooit opvallend aanwezig.

Bleke stofuil

Verspreiding in Nederland

Bleke stofuil

Trends

De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.

Levenscyclus

Herkenning

Kenmerken vlinder

Voorvleugellengte: 13-15mm. Deze onopvallende vaal bruingrijze uil wordt gemakkelijk over het hoofd gezien. De voorvleugel is tamelijk smal en heeft een afgeronde vleugelpunt. De ringvlek is zichtbaar als een kleine donkere stip en van de niervlek is alleen gedeeltelijk de omtrek zichtbaar als een donker lijntje. Langs de voorrand liggen twee donkere stippen van waaruit de twee S-vormige dwarslijnen lopen. Vaak ontbreken deze dwarslijnen en blijven slechts de twee stippen langs de voorrand zichtbaar. De achtervleugel is vuilwit en ongetekend.

Gelijkende soorten vlinder

De moerasspirea-uil (A. pallustris) is veel duidelijker getekend: over de vleugel lopen donkere getande dwarslijnen, de niervlek en de ringvlek zijn zichtbaar als twee donkere streepjes, de golflijn is eveneens donker en goed zichtbaar, en de achterrand is voor de franje vrij breed geblokt.De vale stofuil (A. hospes) heeft een hoekiger voorvleugel en de nauwelijks zichtbare dwarslijnen bestaan uit stippels; in de franje bevindt zich een duidelijke stippellijn en de gehele voorvleugel is vrijwel ongetekend, op een vage donkere schaduwveeg met een lichte lengtestreep in het midden van de vleugel na. Zie ook de grijze stofuil (Hoplodrina respersa).

Verspreiding

Zeldzaamheid

Van deze soort zijn geen recente waarnemingen bekend. De laatste waarneming dateert uit 1963 in Limburg.

België

Enkele historische waarnemingne bekend uit Zuid-Limburg, waarvan meerdere uit de omgeving van Epen.

Regionaal

Zeer zeldzaam. Slechts enkele oude waarnemingen uit de Naamse kalkstreek.

Europa

De bleke stofuil komt voor in Midden- en Zuid-Europa.

Mondiaal

In Europa komt de bleke stofuil voor in zeer uiteenliggende gebieden. Een noordelijk deel met vangsten in Midden-Noorwegen, Zweden, Zuid- en Midden-Finland, Karelië en tot Leningrad en Kirow. Het zuidelijke deel omvat Midden-Europa en reikt in het zuiden tot Zuid-Frankrijk, Midden-Italië, Joegoslavië, Macedonië en Bulgarije en in het noorden tot Nederland, het Zuid-Duitse Middelgebergte, Tsjechië en het noorden van Oekraïne. Tussen beide gebieden is het voorkomen zeer lokaal. Naar het oosten Midden-Azië, Mongolië, Noord-China, Korea en Japan.

Habitat

Waardplanten

Op weegbree, walstro en ook op grassen.

Walstro

Weegbree

Benaming

  • Duitse naam Trockenrasen-Staubeule
  • Franse naam Athétide du Fer-à-cheval
  • Synoniemen Hydrilla gluteosa

Meer over de naam

Toelichting Nederlandse naam
Stofuilen hebben een vale zandkleur. De vleugelschubben laten makkelijk los en na het vastpakken van de vlinder blijft een stofvlekje op de vingers achter.Dit is een bleke vlinder. Meer over Nederlandse namen

Toelichting wetenschappelijke naam
Athetis: athetos is zonder vaste woon- of verblijfplaats; een afwijkend genus waar moeizaam een plekje voor gevonden kon worden in de hele systematiek.

Auteursnaam en jaartal
(Treitschke, 1835)

Geef je waarneming door!

Heb je een bijzondere vlinder of libel gespot? Meld het ons! Jouw waarnemingen zijn waardevol voor het behoud van deze insecten. Samen kunnen we hun populaties in kaart brengen en beschermen. Help mee aan het behoud van deze prachtige dieren en draag bij aan de wetenschap van de biodiversiteit.

Waarneming melden