Vliegtijd & gedrag
Half juli-half oktober in één generatie. De vlinders komen goed op licht.
Verspreiding in Nederland
Trends
De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.
Levenscyclus
Rups: mei-juli. De rups is vooral ´s nachts actief en verpopt zich in de strooisellaag of vastgesponnen aan kleine planten. De soort overwintert als ei op de waardplant.
Herkenning
Kenmerken vlinder
Voorvleugellengte: 16-20 mm. In de meeste gevallen onderscheidt het helder kanariegele borststuk deze spanner van de andere Ennomos-soorten. Verder vertoont de buitenste dwarslijn op de voorvleugel een vrij sterke kromming en bereikt deze lijn in een geleidelijke boog de voorrand. De afstand van deze lijn tot de vleugelpunt is in verhouding kleiner dan bij de andere Ennomos-soorten. Gewoonlijk is de middenstip duidelijk aanwezig. De grondkleur is doorgaans oranjegeel (soms donkerder) met een variabele donkere spikkeling; er komen echter ook vaalgele exemplaren voor.
Kenmerken rups
Tot 50 mm; vrij slank, versmald naar de kop; lichaam roodachtig bruin met donkere purperachtig bruine tekening op rug en flanken en soms met een groene zweem op de onderzijde; op de rugzijde van segment vijf een duidelijke uitwas; kop bruin
Gelijkende soorten vlinder
Bij het geelblad (E. quercinaria) heeft de buitenste dwarslijn een kronkel bij de voorrand en is er geen contrast tussen het borststuk en de rest van de vlinder. Bij de essenspanner (E. fuscantaria) en de gehakkelde spanner (E. erosaria) is de buitenste dwarslijn veel minder gekromd; bovendien is bij de egalere gehakkelde spanner de middenstip vaag of afwezig. Beide soorten hebben een (licht)bruin borststuk. Zie ook de iepentakvlinder (E. autumnaria).
Foto's
Vlinder
Verspreiding
Zeldzaamheid
Vrij algemeen. Komt verspreid over het land voor. RL: kwetsbaar.
België
Vrij algemeen in het hele land, maar doorgaans waargenomen in lage aantallen. In Wallonië vooral ten zuiden van Samber en Maas. De soort staat op de Rode Lijst van Vlaanderen als Momenteel niet in Gevaar (Veraghtert et al. 2023).
Mondiaal
Verbreiding als bij quercinaria; in het zuiden Italië en Griekenland maar niet op de Balkan en op de eilanden van de Middellandse Zee; in het noorden tot Midden-Scandinavië.