Groene dwergspanner

Pasiphila rectangulata

Vliegtijd & gedrag

Eind april-half augustus in één generatie; soms een kleine partiële tweede generatie. De vlinders kunnen overdag van de waardplant worden geklopt. Ze komen goed op licht.

Groene dwergspanner

Verspreiding in Nederland

Groene dwergspanner

Trends

De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.

Levenscyclus

Rups: eind maart-juni. De rups leeft in bloemknoppen en samengesponnen bloemen en verpopt zich in losse aarde. De soort overwintert als ei op de waardplant.

Herkenning

Kenmerken vlinder

Voorvleugellengte: 8-11 mm. Vooral verse vlinders zijn meestal goed te herkennen aan de heldergroene kleur; er zijn echter exemplaren die vanaf het begin al grijs of zelfs zwart zijn in plaats van groen. De voorvleugel heeft een fijn patroon van vele donkere, evenwijdig lopende dwarslijnen. Het meest opvallend zijn de centrale dwarslijnen, waarvan de buitenste vooral in de voorste helft van de vleugel een zigzaggend verloop heeft en grenst aan een licht bandje in het zoomveld. Het achterlijf heeft een zwart bandje en één rij zwarte stippen. Er zijn verschillende melanistische varianten, waarbij de groene golflijn opvalt. De onderzijde van de vleugels is licht van kleur met een grote middenstip, duidelijk onderbroken zwarte booglijnen en een donkere achterrand.

Kenmerken rups

Tot 15 mm; lichaam bleek geelachtig of blauwachtig groen, over het midden van de rug soms een duidelijke purperachtig rode of donkergroene lengtestreep, die naar de kop spits toeloopt; kop bruin.

Gelijkende soorten vlinder

Zie de sleedoorndwergspanner (P. chloerata) en de bosbesdwergspanner (P. debiliata).

Gelijkende soorten rups

Sleedoorndwergspanner (Pasiphila chloerata).N.B.: vergelijk behalve de uiterlijke kenmerken ook de tijd van het jaar waarin de rupsen voorkomen, het habitat en de waardplant(en).

Foto's

Verspreiding

Zeldzaamheid

Zeer algemeen. Komt verspreid over het hele land voor. RL: niet bedreigd.

België

Vrij algemeen in het hele land. De soort staat op de Rode Lijst van Vlaanderen als Momenteel niet in Gevaar (Veraghtert et al. 2023).

Mondiaal

Van Europa tot Japan; in het zuiden het hele Middellandse Zeegebied tot in het Armeense hooggebergte, in het noorden zelfs vastgesteld boven de poolcirkel.

Habitat

Vooral parken, tuinen, struwelen en bossen.

Bossen

Parken

Struwelen

Tuinen

Waardplanten

Vooral fruitbomen en sleedoorn.

Appel

Peer

Sleedoorn

Benaming

  • Engelse naam Green Pug
  • Duitse naam Braungrauer Wellenstriemenspanner
  • Franse naam l’Eupithécie rectangulaire
  • Synoniemen Chloroclystis rectangulata
    Calliclystis rectangulata
    Eupithecia rectangulata
    Rhinoprora rectangulata

Meer over de naam

Toelichting Nederlandse naam
Alle soorten uit het Genus Eupithecia plus nog een aantal andere kleine spanners zijn samengebracht onder de groepsnaam dwergspanner.Deze dwergspanner heeft een groene kleur op de voorvleugels. Meer over Nederlandse namen

Toelichting wetenschappelijke naam
Rectangulata: rectangulus is rechthoekig. Linnaeus schrijft: ‘de vleugels hebben op de onderkant een haakse lijn gevormd door zwarte stippen’.

Auteursnaam en jaartal
(Linnaeus, 1758)

Geef je waarneming door!

Heb je een bijzondere vlinder of libel gespot? Meld het ons! Jouw waarnemingen zijn waardevol voor het behoud van deze insecten. Samen kunnen we hun populaties in kaart brengen en beschermen. Help mee aan het behoud van deze prachtige dieren en draag bij aan de wetenschap van de biodiversiteit.

Waarneming melden