Vliegtijd & gedrag
Juni-augustus in één generatie. De vlinders zijn zowel overdag als in de schemering actief en bezoeken bloemen van onder andere kamperfoelie en koninginnenkruid. De vlinders komen op licht.
Verspreiding in Nederland
Trends
De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.
Levenscyclus
Rups: juli-mei. De soort overwintert als jonge rups tussen de stengels van de waardplant of andere weelderige vegetatie. De verpopping vindt plaats in een witachtige ovale cocon die gesponnen wordt aan de onderzijde van een blad van de waardplant.
Herkenning
Kenmerken vlinder
Voorvleugellengte: 20-24 mm. Deze uil heeft dezelfde karakteristieke vleugelvorm en rusthouding als de koperuil (D. chrysitis); de kop en de karakteristieke kuif zijn eveneens oranje van kleur. In het zoomveld van de voorvleugel bevindt zich een onvolledige messinggele dwarsband die vanaf de voorrand tot halverwege de vleugel loopt en zichtbaar is als een grote vierkante vlek. In deze metaalvlek is de golflijn te herkennen als een dunne bruine golvende lijn. Het middenveld en het overige deel van de dwarsband in het zoomveld zijn roodachtig bruin; de rest van de vleugel heeft een paarsachtig grijze of paarsachtig bruine kleur.
Kenmerken rups
Tot 30 mm; een 'semi-spanrups' met slechts drie paar buikpoten; lichaam helder geelachtig groen met over de rug een gebroken, donkergekernde, witte middenstreep met aan weerszijden een rij schuine, witte strepen; over de spiracula een zwartgezoomde, witte lengtestreep; kop glimmend groen.
Gelijkende soorten vlinder
De koperuil (D. chrysitis) heeft in plaats van een messinggele vlek, twee metaalgroene banden. Het zilvervenster (Autographa bractea) heeft een kleinere, minder gele en meer driehoekige vlek in het midden van de voorvleugel in plaats van dicht bij de vleugelpunt.
Foto's
Vlinder
Verspreiding
Zeldzaamheid
Zeer zeldzaam. Een trekvlinder waarvan slechts enkele recente waarnemingen bekend zijn.
België
Zeer zeldzaam. Komt zeer lokaal voor in Namen en Luxemburg.
Mondiaal
In Europa vooral in de middengebieden; naar het noorden niet boven de noordrand van het middelgebergte tot Nederland, België, Nordrhein-Westfalen, Hessen, Noord-Beieren en de Sudeten-Karpatenketen. Nog meer naar het noorden alleen enkelingen in Nedersaksen (1951), Brandenburg (1954), Sachsen (1917), Denemarken (1931) en Zuid-Zweden (1981). Standvlinder ook in Zuid-Engeland en Wales. Naar het zuiden tot Noord-Spanje, Midden-Italië, Noord-Griekenland en Oost-Bulgarije. Naar het oosten van Karelië en Klein-Azië dwars door Noord- en Midden-Azië tot de Koerilen, Sachalin, het Amoer-Oessoeri-gebied, Korea, Noord- en Midden-China en Japan.