Vliegtijd & gedrag
Begin mei-half juli in één generatie. De mannetjes komen veelvuldig op licht; de vrouwtjes soms op smeer. De vlinders worden zelden overdag gezien; ze rusten mogelijk in de boomkruinen.
Verspreiding in Nederland
Trends
De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.
Levenscyclus
Rups: juni-september. De soort overwintert als pop in een cocon op de grond.
Herkenning
Kenmerken vlinder
Voorvleugellengte: 16-19 mm. Het mannetje houdt in rust het uiteinde van zijn achterlijf omhoog gekruld. De binnenrandhoeken van de voor- en de achtervleugels liggen in rusthouding tegen elkaar aan en zijn donker gekleurd, alsof ze verschroeid zijn. Door de vele fijne bruine, gebogen lijntjes lijkt het alsof de voorvleugels constant in beweging zijn. De vorm van de voorvleugels met hun licht afgevlakte binnenrandhoek en verschrompelde aanblik is kenmerkend. Er is weinig variatie.
Kenmerken rups
Tot 40 mm; lichaam donker grijsachtig bruin met een roodachtig bruine zweem op de rug en roodachtig bruine, driehoekige vlekken laag op de flanken; de voorste segmenten zijn gezwollen en segment acht draagt een opvallende bult; kop lichtbruin met donkerbruine tekening.
Foto's
Rups
Vlinder
Verspreiding
Zeldzaamheid
Vrij algemeen. Een soort die vooral voorkomt in de duinen van Noord-Holland, de zandgebieden van Gelderland en de drie noordoostelijke provincies; daarbuiten slechts af en toe een waarneming. RL: niet bedreigd.
België
Zeer zeldzaam in Vlaanderen. Lokaal voorkomend rondom Brussel en het Pajottenland; losse waarnemingen uit Oost-Vlaanderen, Antwerpen en Limburg. In Wallonië vrij zeldzaam, wijdverbreid ten zuiden van Samber en Maas en lokaal algemeen. De soort staat op de Rode Lijst van Vlaanderen als Bijna in Gevaar (Veraghtert et al. 2023).
Mondiaal
Van het Iberisch Schiereiland in het zuiden en de Britse eilanden in het westen via Midden- en Oost-Europa tot Oost-Azië; in het noorden tot Zuid-Scandinavië, in het zuiden tot de westelijke eilanden van de Middellandse Zee en de Balkan.