Ernstig bedreigd

Moerasbos-uil

Acronicta strigosa

Vliegtijd & gedrag

Begin juni-begin augustus in één generatie. De vlinders komen op licht en op smeer; overdag worden ze soms rustend aangetroffen op een boomstam.

Moerasbos-uil

Verspreiding in Nederland

Moerasbos-uil

Trends

De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.

Levenscyclus

Rups: juli-september. De soort overwintert als pop, soms in dood hout.

Herkenning

Kenmerken vlinder

Voorvleugellengte: 13-15 mm. Deze kleine Acronicta-soort heeft een lichtbruine, enigszins grijs getinte voorvleugel. Karakteristiek zijn drie forse zwarte strepen in het doorgaans donkere gedeelte langs de binnenrand: een wortelstreep, een streep in het middenveld en een streep in de binnenrandhoek; deze strepen liggen ruwweg in het verlengde van elkaar.De buitenste dwarslijn is opvallend en gekarteld. In de niervlek en aan de onderrand van het borststuk is vaak een zalmkleurige tint aanwezig.

Foto's

Verspreiding

Zeldzaamheid

Zeer zeldzaam. Wordt verspreid over het land slechts af en toe waargenomen. RL: ernstig bedreigd.

België

Beperkt tot Wallonië, waar de soort vrij zeldzaam, maar wijdverbreid is ten zuiden van Samber en Maas. Er is onvoldoende data om de soort te beoordelen voor de Rode Lijst van Vlaanderen (Veraghtert et al. 2023).

Mondiaal

In Europa lokaal verbreid. Naar het zuiden tot de Pyreneeën en via de zuidkant van de Alpen naar Slowakije en Noord-Griekenland. Naar het noorden tot Zuid-Engeland, Zuid-Denemarken, Zuid-Zweden, Zuid-Finland en Karelië tot de Oeral. Waarschijnlijk voorkomend in Klein-Azië (Hacker, 1989) want ook in de Kaukasus komt strigosa voor. Verder naar het oosten via Midden-Azië tot Noord-China, Korea en Japan.

Habitat

Vooral meidoornstruwelen in vochtige gebieden, zoals rivieroevers, uiterwaarden en randen van moerassen; ook ruige weiden en akkerranden.

Akkerranden

Moerassen

Rivieroevers

Ruige graslanden

Uiterwaarden

Waardplanten

Vooral meidoorn, maar ook sleedoorn.

Meidoorn

Sleedoorn

Benaming

  • Engelse naam Marsh Dagger
  • Duitse naam Striemen-Rindeneule
  • Franse naam la Noctuelle grisette
  • Synoniemen Apatele strigosa
    Acronycta strigosa

Meer over de naam

Toelichting Nederlandse naam
Deze uil moet worden gezocht in vochtige gebieden, moerassen en uiterwaarden (met meidoornstruweel). Meer over Nederlandse namen

Toelichting wetenschappelijke naam
Acronicta: akronux is het vallen van de avond. Waarschijnlijk heeft deze naam dezelfde strekking als Noctua, in de nacht. Dit genus heeft immers geen enkele binding met de avondschemering.strigosa: strigosus komt van striga is een groef, een rimpel, een lijn, naar de sterk ontwikkelde dolktekens op de voorvleugels verwijzend

Auteursnaam en jaartal
(Denis & Schiffermüller, 1775)

Geef je waarneming door!

Heb je een bijzondere vlinder of libel gespot? Meld het ons! Jouw waarnemingen zijn waardevol voor het behoud van deze insecten. Samen kunnen we hun populaties in kaart brengen en beschermen. Help mee aan het behoud van deze prachtige dieren en draag bij aan de wetenschap van de biodiversiteit.

Waarneming melden