Vliegtijd & gedrag
Eind juni-eind augustus in één generatie. De vlinders vliegen vanaf de schemering en soms overdag; ze komen zowel op licht als op smeer en bezoeken bloemen.
Verspreiding in Nederland
Trends
De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.
Levenscyclus
Rups: juli-juni. De soort overwintert als rups en verpopt zich in een cocon aan de onderkant van een blad van de waardplant of in de strooisellaag.
Herkenning
Kenmerken vlinder
Voorvleugellengte: 15-18 mm. Deze uil houdt in rust de vleugels dakvormig omhoog. Op de bovenkant van het borststuk bevindt zich een opvallende kuif en verder naar achteren zijn enkele kleinere kuifjes zichtbaar. De voorvleugel is zwartachtig van kleur en uitgebreid gemarmerd met licht zilverachtig grijs en bestoven met donkerder grijs of paarsachtig grijs. In het midden van de vleugel bevindt zich een kleine zilverkleurige vlek die onregelmatig en variabel van vorm is. Soms is de vlek Y-vormig, soms V-vormig met daarnaast een rond vlekje, soms heeft de vlek de vorm van een korte golvende lijn. De golflijn is opvallend scherp getand. De achtervleugel is lichtbruin met een donkerdere zoom.
Gelijkende soorten vlinder
De ni-uil (Trichoplusia ni) is meer bruinachtig grijs met een paarsachtige tint en de zilverkleurige vlek is minder onregelmatig van vorm. Zie ook de gamma-uil (Autographa gamma).
Foto's
Ei-afzet
Vlinder
Verspreiding
Zeldzaamheid
Zeer zeldzaam. Een trekvlinder waarvan slechts enkele recente waarnemingen bekend zijn.
België
Zeer zeldzaam. Een trekvlinder die recent in West-Vlaanderen werd waargenomen (Ingelmunster, 2006). In Wallonië zeer lokaal en recent in Luik waargenomen.
Mondiaal
In Europa en Azië in de noordelijke landen inclusief IJsland, naar het zuiden uitsluitend nog in de bergen. Het zuidelijkste in de Pyreneeën, de Alpen, Midden-Italië en in de bergen van de Balkan naar het zuiden tot Bulgarije en Roemenië, Klein-Azië, het Pontisch gebergte. In Oost-Azië tot Korea en Japan. Grote delen van boreaal Noord-Amerika. De populaties in de Pyreneeën behoren tot ssp. pyrenaica (Hampson, 1913), die van Finland (Lapland), Zweden en Noord-Karelië tot ssp. norrlandica (Schulte, 1956).