Vliegtijd & gedrag
In het buitenland: begin mei-half juli in één generatie.
Verspreiding in Nederland
Trends
De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.
Levenscyclus
Rups: in het buitenland september-maart. Jonge rupsen leven tussen samengesponnen grashalmen. Grotere rupsen verbergen zich overdag bij de bodem in opgerolde bladeren en klimmen ’s nachts omhoog om te foerageren. De verpopping vindt plaats in een licht spinsel tussen plantendelen, in de grond of onder mos. De soort overwintert als rups en is bij zacht weer soms actief.
Herkenning
Kenmerken vlinder
Voorvleugellengte: 13-15 mm. Deze uil lijkt sterk op de rietgrasuil (A. unanimis), maar is iets groter. Het donkere middenveld loopt, in tegenstelling tot bij de rietgrasuil, niet smaller toe richting de binnenrand, maar is bij de voorrand en de binnenrand ongeveer even breed. Bovendien is de grondkleur van de voorvleugel veel lichter, enigszins kaneelkleurig.
Gelijkende soorten vlinder
De grondkleur van de rietgrasuil (A. unanimis) is grijsbruin en op de achtervleugel bevindt zich een duidelijke grote donkere middenstip die bij de tweekleurige grasuil ontbreekt.Bekijk de gedetailleerde verschillen met illustraties tussen Apamea illyria en A. unanimis en de beide Mesapamea-soorten.
Foto's
Museum
Verspreiding
Zeldzaamheid
Van deze soort zijn slechts enkele waarnemingen bekend uit de vorige eeuw.
België
Zeer zeldzaam en lokaal ten zuiden van Samber en Maas; recente waarnemingen ontbreken.
Mondiaal
Europa en Klein-Azië. Naar het noorden tot Midden-Scandinavië maar ontbreekt op de Britse eilanden. Naar het zuiden tot Noord-Spanje, Midden-Italië en Griekenland. Grote delen van Midden-Europa zijn in de 19e en 20e eeuw bezet geraakt.