Vliegtijd & gedrag
Eind april-half juli in één generatie. De vlinders vliegen vanaf de schemering en komen zowel op licht als op smeer; vaak worden ze laag vliegend boven graslanden gezien. Ze bezoeken bloemen van onder andere vlinderstruik.
Verspreiding in Nederland
Trends
De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.
Levenscyclus
Rups: augustus-april. Jonge rupsen leven in de bloeiwijze van de waardplant; oudere rupsen foerageren ´s nachts op de bladeren en verbergen zich overdag dicht bij de grond. De soort overwintert als rups en verpopt zich in een holte tussen de wortels van de waardplant of tussen grasresten op de grond.
Herkenning
Kenmerken vlinder
Voorvleugellengte: 18-22 mm. Een variabele soort met twee duidelijke kleurvormen. De ene vorm heeft een lichte geelachtig bruine, enigszins rood of grijs getinte voorvleugel met een fijne tekening van streepjes en stippen; vooral langs de binnenrand is de vleugel vaak grijsachtig wit. Opvallend zijn de donkerbruine, brede schouders die bij de binnenrand van de vleugel uitlopen in twee zwarte strepen waarvan de uiteinden in rusthouding naar elkaar toe lijken te lopen. Langs de voorrand van de vleugel bevinden zich verschillende schuin naar achteren lopende roodachtig bruine vlekken en vegen; de vlek waarin de ringvlek en de niervlek liggen is het grootst en valt het meest op. Ook langs de achterrand van de vleugel bevinden zich roodachtig bruine getande vlekken, waarvan de meest opvallende zich in de binnenrandhoek bevindt; soms maken deze vlekken deel uit van een smalle band langs de achterrand. De andere kleurvorm heeft een roodachtig donkerbruine tot kastanjebruine voorvleugel die vrij effen getekend is en waarop eigenlijk alleen de geelachtig omlijnde ringvlek en niervlek opvallen. Soms komen zwartachtig bruine of zwartachtig rode vlinders zonder lichte tekening voor en ook worden af en toe tussenvormen waargenomen.
Gelijkende soorten vlinder
De bonter getekende zwartrandgrasuil (A. epomidion) heeft in het wortelveld twee zwarte strepen, de zwarte punten aan het uiteinde van de schouders lijken in rusthouding uiteen te lopen en de uilvlekken zijn gedeeltelijk duidelijk zwart omrand; in het zoomveld ligt een duidelijke lichte golflijn, maar de donkere naar binnen gerichte vlekken aan de binnenzijde van de golflijn zijn minder uitgesproken. Zie ook de pijpenstro-uil (A. aquila), de okergele grasuil (A. sublustris) en de steenrode grasuil (A. lateritia).
Gelijkende soorten rups
Pijpenstro-uil (Apamea aquila), grauwe grasuil (Apamea remissa), rietgrasuil (Apamea unanimus), veldgrasuil (Apamea anceps), kweekgrasuil (Apamea sordens), bonte grasuil (Cerapteryx graminis), donkere grasuil (Tholera cespitis) en gelijnde grasuil (Tholera decimalis). N.B.: vergelijk behalve de uiterlijke kenmerken ook de tijd van het jaar waarin de rupsen voorkomen, het habitat en de waardplant(en).
Foto's
Vlinder
Verspreiding
Zeldzaamheid
Algemeen. Komt verspreid over het hele land voor. RL: gevoelig.
België
Vrij algemeen in het hele land. De soort staat als Kwetsbaar op de Rode Lijst van Vlaanderen (Veraghtert et al. 2023).
Mondiaal
Europa en Azië, naar het oosten tot Japan. In Europa en in Azië tot boven de poolcirkel. In het Middellandse Zeegebied alleen in de koelere bergen en niet in warme streken.