Vliegtijd & gedrag
Half april-half oktober in twee of drie generaties. De vlinders komen zowel op licht als op smeer en bezoeken bloemen.
Verspreiding in Nederland
Trends
De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.
Levenscyclus
Rups: juni-oktober. De soort overwintert als pop in een cocon in de strooisellaag.
Herkenning
Kenmerken vlinder
Voorvleugellengte: 16-20 mm. Deze Acronicta-soort heeft een vrij smalle grijze voorvleugel met een tamelijk grof uiterlijk. De vleugel is onregelmatig zwart bespikkeld en heeft een onduidelijke zwartachtige tekening. Karakteristiek is het opvallende krijtwitte vlekje langs de binnenrand, dat soms uit twee afzonderlijke vlekjes bestaat. De onderbroken golflijn is witachtig en valt meestal goed op. De hoeveelheid zwart is variabel. De achtervleugel is grijsachtig bruin.
Kenmerken rups
Tot 38 mm; lichaam zwart met roodachtig bruine haarborstels; over het midden van de rug een rij rode vlekjes met aan weerszijden een rij grotere, witte vlekken; onder de lijn van de witte spiracula een band van rode en oranje vlekken; kop zwart met bruine tekening.
Gelijkende soorten vlinder
Zie de goudhaaruil (A. auricoma), de schilddrager (Subacronicta megacephala) en de schedeldrager (Craniophora ligustri).
Foto's
Rups
Pop
Vlinder
Verspreiding
Zeldzaamheid
Zeer algemeen. Komt verspreid over vrijwel het hele land voor. RL: niet bedreigd.
België
Algemeen in het hele land. De soort staat op de Rode Lijst van Vlaanderen als Momenteel niet in Gevaar (Veraghtert et al. 2023).
Mondiaal
Van Noordwest-Afrika (Marokko, Algerije, Tunesië), dwars door heel Europa tot in het noorden Midden-Scandinavië. Naar het oosten via Klein- en Voor-Azië en via Midden- en Noord-Azië tot China, Korea en Japan.