Loop je de komende weken door een bloemrijke berm of grasland, kijk dan eens wat beter tussen de bloemen. Misschien zie je een klein blauw vlindertje van bloem naar bloem fladderen: het icarusblauwtje. Vooral plekken die begin juni zijn gemaaid, kunnen nu weer volop in bloei staan. Rolklaver en knoopkruid hebben na de maaibeurt opnieuw de ruimte gekregen om te gaan bloeien. Juist nu kan het ineens druk worden met icarusblauwtjes.
Derde generatie
Het icarusblauwtje vliegt tegenwoordig meestal in drie generaties. De eerste vlinders verschijnen in mei. De zomergeneratie volgt in juli en augustus en aan het einde van de zomer komt daar steeds vaker nog een derde generatie bij.
Die derde generatie is de laatste jaren duidelijker geworden. Door de hogere temperaturen ontwikkelen eitjes, rupsen en poppen zich sneller. De generaties lopen daarbij een beetje in elkaar over. Eind augustus en begin september, zien we daarom weer meer icarusblauwtjes verschijnen.
Meer over het icarusblauwtje
Bloemen en klaver
Het icarusblauwtje is een echte liefhebber van bloemrijke graslanden. Vlinders hebben nectar nodig en dat vinden ze in allerlei bloemen. Voor de rupsen van het icarusblauwtje zijn vlinderbloemigen belangrijk, zoals gewone rolklaver en kleine klaver. Een bloemrijke berm kan daardoor een uitstekend leefgebied zijn. Dat geldt ook voor groenstroken in de stad. Je hoeft dus helemaal niet naar een natuurgebied om deze kleine blauwe vlinder tegen te komen. Er is wel een voorwaarde: er moeten bloemen en voedselplanten blijven staan.

Van levensbelang
Het icarusblauwtje is sinds 1990 met meer dan de helft achteruitgegaan. Vooral intensief beheerde graslanden zijn ongeschikt geworden. Er wordt vaak gemaaid en er bloeit weinig. Ook in bermen en openbaar groen wordt nog regelmatig alles in een keer gemaaid. Daarmee verdwijnt het voedsel voor de vlinders. Geen bloemen betekent geen nectar. Als de voedselplanten voor de rupsen dan ook nog verdwijnen, kunnen icarusblauwtjes zich er niet voortplanten.


Maaien voor vlinders
Gefaseerd maaien maakt daarom een groot verschil. Laat bij iedere maaibeurt 15 tot 30 procent van de vegetatie staan. Zo blijft er altijd een deel van de berm bloeien en zijn er plekken waar vlinders voedsel kunnen vinden en zich kunnen voortplanten.
Dat is ook het uitgangspunt van Kleurkeur, het keurmerk voor ecologisch bermbeheer dat door De Vlinderstichting is ontwikkeld.
Meer over KleurkeurGa op zoek
Wil je het icarusblauwtje zien? Zoek de komende weken naar zonnige, bloemrijke plekken met rolklaver, knoopkruid, jacobskruiskruid en boerenwormkruid. Kijk niet alleen naar de bloemen, maar ook eromheen: vaak fladderen de kleine blauwe vlinders laag boven de vegetatie. Als je er eentje ziet, blijf dan vooral even kijken. Misschien zie je er nog een. Of nog één. Want een ogenschijnlijk gewone berm kan zomaar een klein vlinderparadijs blijken.
Tips voor vlinderplanten