Bedreigd

Boksbaardvlinder

Amphipyra tragopoginis

Vliegtijd & gedrag

Begin juli-begin oktober in één generatie. De vlinders komen zowel op licht als op smeer en bezoeken bloemen. Overdag rusten ze achter schors en in gebouwen; vaak met meerdere exemplaren bij elkaar.

Boksbaardvlinder

Verspreiding in Nederland

Boksbaardvlinder

Trends

De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.

Levenscyclus

Rups: april-juli. De rups is ´s nachts actief en verbergt zich overdag dicht bij de grond op de waardplant. De verpopping vindt plaats in een cocon in de strooisellaag of in de grond. De soort overwintert als ei.

Herkenning

Kenmerken vlinder

Voorvleugellengte: 16-18 mm. Het uiterlijk en gedrag van deze uil worden wel met dat van een muis geassocieerd: zowel de vale grijsachtig bruine kleur als de manier waarop de door licht verstoorde vlinder snel wegrent om dekking te zoeken doen daar inderdaad enigszins aan denken. Op de nagenoeg effen, bij verse vlinders glanzende, voorvleugel is de ringvlek zichtbaar als een enkele donkere stip en de niervlek als een dubbele donkere stip. De grondkleur varieert enigszins; soms is het gedeelte tussen de niervlek en de golflijn donkerder gekleurd en is er een duidelijk contrast met de lichter gekleurde vleugelzoom.

Foto's

Verspreiding

Zeldzaamheid

Vrij zeldzaam. Komt verspreid over het land lokaal voor. RL: bedreigd.

België

In Vlaanderen zeer zeldzaam; sterk achteruitgegaan. Houdt lokaal stand in West-Vlaanderen; uit alle andere provincies slechts weinig recente waarnemingen. In Wallonië zeldzaam, maar wijdverbreid ten zuiden van Samber en Maas. De soort staat als Bedreigd op de Rode Lijst van Vlaanderen (Veraghtert et al. 2023).

Mondiaal

In bijna heel Europa (behalve Portuagal?) van de Middellandse Zee tot voorbij de poolcirkel. Naar het oosten via Noord- en Midden-Azië tot West-Siberië en Noord-India. In Noord-Amerika geïmporteerd (Mikkola, Lafontaine & Kononenko, 1991).

Habitat

Bossen, duinen, heiden en moerassen; ook tuinen.

Bossen

Duinen

Heiden

Moerassen

Tuinen

Waardplanten

Diverse kruidachtige en houtige planten, waaronder kleine pimpernel, kaardebol, bijvoet, slaapmutsje, walstro, zuring en sleedoorn; ook wilg.

Bijvoet

Kaardebol

Pimpernel

Sleedoorn

Vlasbekje

Walstro

Wilg

Zuring

Benaming

  • Engelse naam Mouse Moth
  • Duitse naam Dreipunkt-Glanzeule
  • Franse naam la Triponctuée
    la Noctuelle du salsifis
  • Oud Nederlandse naam muisuiltje
  • Synoniemen Scotophila tragopoginis
    Amphipyra tragopogonis

Meer over de naam

Toelichting Nederlandse naam
Boksbaard is een al lang bestaande naam die al gebruikt wordt door Ter Haar in ‘Onze vlinders’ (begin vorige eeuw).Boksbaard is een oude naam voor morgenster. Zie verder bij ’toelichting wetenschappelijke naam’. Meer over Nederlandse namen

Toelichting wetenschappelijke naam
Amphipyra: amphi is rond en pur is het vuur. Pickard en Treitschke vinden dat hiermee wordt aangeduid dat de vlinders op licht af komen. Spuler denkt dat het te maken heeft met de koperkleur van de achtervleugels.tragopoginis: Tragopogon pratensis is gele morgenster, een van de voedselplanten van deze polyfage soort.

Auteursnaam en jaartal
(Clerck, 1759)

Geef je waarneming door!

Heb je een bijzondere vlinder of libel gespot? Meld het ons! Jouw waarnemingen zijn waardevol voor het behoud van deze insecten. Samen kunnen we hun populaties in kaart brengen en beschermen. Help mee aan het behoud van deze prachtige dieren en draag bij aan de wetenschap van de biodiversiteit.

Waarneming melden