Vliegtijd & gedrag
Eind juni-begin oktober in één generatie. De vlinders komen zowel op licht als op smeer en bezoeken bloemen; ze zijn ook overdag actief.
Verspreiding in Nederland
Trends
De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.
Levenscyclus
Rups: oktober-mei. De rups foerageert ´s nachts op de wortels van de waardplant en verbergt zich overdag in de grasvegetatie; is soms overdag actief. De eieren worden in vlucht rondgestrooid in het gras en overwinteren.
Herkenning
Kenmerken vlinder
Voorvleugellengte: 12-17 mm. Goed te herkennen aan de langgerekte vertakte crèmekleurige vlek op de vleugeladers, die de vorm heeft van een gewei; de grootte van deze vlek kan variëren. De roodachtig bruine, soms olijfkleurig getinte voorvleugel heeft een tamelijk rechte voorrand. In het zoomveld bevinden zich zwarte strepen of vlekken langs een vaak lichtbruine zone. Het aantal zwarte vlekken en de intensiteit ervan kunnen sterk variëren; soms zijn de vlekken nauwelijks zichtbaar. Het mannetje heeft licht geveerde antennen; het vrouwtje is groter en heeft draadvormige antennen.
Kenmerken rups
Tot 35 mm; lichaam donker bronskleurig bruin boven de lijn van de spiracula en bleek oranjebruin daaronder; huid geplooid en glanzend; over de rug drie brede, bleek okerkleurige lengtestrepen en een brede witte lengteband langs de spiracula; kop geelachtig bruin met donkerbruine tekening.
Gelijkende soorten rups
Pijpenstro-uil (Apamea aquila), variabale grasuil (Apamea crenata), grauwe grasuil (Apamea remissa), rietgrasuil (Apamea unanimus), veldgrasuil (Apamea anceps), kweekgrasuil (Apamea sordens), donkere grasuil (Tholera cespitis) en gelijnde grasuil (Tholera decimalis). N.B.: vergelijk behalve de uiterlijke kenmerken ook de tijd van het jaar waarin de rupsen voorkomen, het habitat en de waardplant(en).
Foto's
Ei-afzet
Rups
Vlinder
Verspreiding
Zeldzaamheid
Algemeen. Komt vooral voor op de zandgronden in het binnenland en in de duinen; ook elders wordt de soort af en toe waargenomen. De soort kan soms schadelijk zijn; in 1987 was er een massaontwikkeling van rupsen in de vegetatie van bochtige smele in dennenbossen op de Veluwe. RL: gevoelig.
België
In Vlaanderen vrij zeldzaam in de Kempen; daarbuiten zeldzaam, met een beperkt aantal recente vindplaatsen in Oost- en West-Vlaanderen. In Wallonië vrij algemeen in de Ardennen. De soort staat als Bedreigd op de Rode Lijst van Vlaanderen (Veraghtert et al. 2023).
Mondiaal
Noord-Spanje via heel Europa en de gamatigde zone tot Siberië en Noord-Mongolië. Naar het noorden tot ver boven de poolcirkel. De zuidgrens ligt zuidelijk van de Alpen, over de Balkan tot de Zwarte Zee. Geïmporteerd in Noord-Amerika.