Ernstig bedreigd

Bruine heide-uil

Polia bombycina

Vliegtijd & gedrag

Half mei-eind juli in één generatie. De vlinders komen zowel op licht als op smeer en bezoeken bloemen van onder andere valse salie, blaassilene, slangenkruid en spoorbloem.

Bruine heide-uil

Verspreiding in Nederland

Bruine heide-uil

Trends

De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.

Levenscyclus

Rups: juli-april. De soort overwintert als halfvolgroeide rups en verpopt zich in de grond.

Herkenning

Kenmerken vlinder

Voorvleugellengte: 19-23 mm. Verse exemplaren van deze uil hebben een enigszins glanzende lichtbruine, soms roodachtig getinte voorvleugel. De ringvlek en de niervlek zijn groot en meestal duidelijk afgetekend. De lichte, soms onderbroken golflijn is aan de binnenzijde onregelmatig donkerbruin afgezet; in de binnenrandhoek vormen de golflijn en deze donkere afzetting samen een opvallende scherpe, naar binnen wijzende punt. Heel zelden worden zilverachtig grijze vlinders waargenomen.

Gelijkende soorten vlinder

Op de meer gemarmerde voorvleugel van de gerande marmeruil (P. hepatica) is de golflijn aan de binnenzijde op drie plaatsen afgezet met zwart, wat vooral opvalt in de binnenrandhoek; er is echter nooit sprake van een scherpe punt. De marmeruil (P. nebulosa) heeft aan de binnenzijde van de golflijn diverse zwarte pijlvlekken, waarvan de op één na grootste halverwege ligt en de grootste bij de binnenrandhoek. De graswortelvlinder (Apamea monoglypha) is nooit roodachtig getint en heeft op de voorvleugel een W in de golflijn, een zwarte streep in het wortelveld en een smalle zwarte balk in het middenveld.

Foto's

Verspreiding

Zeldzaamheid

Zeldzaam. Komt lokaal en verspreid voor in de duinen en op de zandgronden in het binnenland. RL: ernstig bedreigd.

België

Zeer zeldzaam. Uitgestorven in nagenoeg heel Vlaanderen, behalve op één locatie aan de Westkust. In Wallonië zeldzaam, met recente waarnemingen uit Luik, Luxemburg en Namen. De soort staat als Ernstig Bedreigd op de Rode Lijst van Vlaanderen (Veraghtert et al. 2023).

Mondiaal

Van de Pyreneeën naar het noorden en oosten tot Oost-Azië (Japan). Naar de noorden tot de 64e breedtegraad in Scandinavië. In het zuiden Zuid-Frankrijk, Noord-Italië, de Balkan, Klein-Azië, de Kaukasus en verder tot Midden-Azië. Uit Mongolië is een ssp. psammochroa beschreven (Varga, 1974).

Habitat

Ruige graslanden en open bossen.

Bossen

Ruige graslanden

Waardplanten

Diverse kruidachtige planten zoals bijvoet, walstro en zuring. In het voorjaar ook houtige planten en loofbomen.

Bijvoet

Walstro

Zuring

Benaming

  • Engelse naam Pale Shining Brown
  • Duitse naam Hauhechel-Blättereule
  • Synoniemen Polia advena
    Mamestra advena
    Hadena advena
    Aplecta advena
    Polia nitens

Meer over de naam

Toelichting Nederlandse naam
Deze soort heeft onder meer struikheide als waardplant en de kleur van de vlinder is (meer grijs dan) bruin. Meer over Nederlandse namen

Toelichting wetenschappelijke naam
Polia: polios is grijs, wijzend op de grondkleur van een aantal soorten binnen dit genus.bombycina: bombycinus is zijden, naar de zijden glans op de voorvleugels.

Auteursnaam en jaartal
(Hufnagel, 1766)

Geef je waarneming door!

Heb je een bijzondere vlinder of libel gespot? Meld het ons! Jouw waarnemingen zijn waardevol voor het behoud van deze insecten. Samen kunnen we hun populaties in kaart brengen en beschermen. Help mee aan het behoud van deze prachtige dieren en draag bij aan de wetenschap van de biodiversiteit.

Waarneming melden