Ernstig bedreigd

Donkere korstmosuil

Bryophila raptricula

Vliegtijd & gedrag

Half juni-begin oktober in één generatie. De vlinders komen op licht.

Donkere korstmosuil

Verspreiding in Nederland

Donkere korstmosuil

Trends

De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.

Levenscyclus

Rups: september-mei. De soort overwintert als jonge rups tussen korstmossen.

Herkenning

Kenmerken vlinder

Voorvleugellengte: 12-14 mm. Deze uil is door de lange, smalle voorvleugel goed te onderscheiden van de andere korstmosuilen. De kleur van de voorvleugel is variabel, maar is meestal donker bruinachtig grijs. Bij donkere exemplaren zijn de kenmerken slechts vaag te onderscheiden. Het meest opvallend zijn het uit twee lobben bestaande wortelveld, de donker- en licht omrande ringvlek en niervlek en het witachtig grijze uiteinde van de buitenste dwarslijn dat haaks op de binnenrand staat. Dit laatste kenmerk blijft ook bij zeer donkere exemplaren doorgaans zichtbaar. Bij lichtere exemplaren zijn de centrale dwarslijnen, de ringvlek en de niervlek meestal goed zichtbaar. De niervlek maakt daarbij deel uit van een lichter gekleurde vlek aan de binnenzijde van de sterk naar buiten gebogen buitenste dwarslijn. De achtervleugel is licht bruinachtig wit.

Foto's

Verspreiding

Zeldzaamheid

Zeldzaam. Komt zeer verspreid en lokaal voor ten zuiden van de lijn Amsterdam-Zwolle. RL: ernstig bedreigd.

België

Zeer zeldzaam in Vlaanderen. Vooral waargenomen in stedelijk gebied op en rond de lijn Antwerpen-Brussel. In Wallonië zeer zeldzaam, maar bekend uit alle provincies. De soort staat als Bedreigd op de Rode Lijst van Vlaanderen (Veraghtert et al. 2023).

Mondiaal

In het zuiden van Noord-Afrika (Marokko tot Egypte) dwars door heel Zuid-Europa. Naar het noorden tot Zuid-Noorwegen, Midden-Zweden, Zuid-Finland en de noordelijke Baltische staten. Een brede gebiedsband in het noorden van Midden-Europa van Noord-Nederland via Noord-Duitsland en Noord-Polen was aanvankelijk schaars bezet. Speyer & Speyer,1862 gaven als noordgrens nog aan de lijn Parijs - Aken - Halle; deze grens is nu naar het noorden verschoven. In Zuid-Engeland zijn tussen 1953 en 1969 vier zwervers geregistreerd. Bij Hamburg waarnemingen sinds de dertiger jaren en bij Berlijn sinds 1949 (Warnecke, 1961). In rusland loopt de noordgrens boven Moskou langs. In het zuiden van Klein- en Voor-Azië (Kaukasus, Irak, Iran, Afganistan) tot Chinees Toerkestan.

Habitat

Vooral stedelijk gebied; ook allerlei open gebieden.

Open landschappen algemeen

Stedelijke omgeving

Waardplanten

Korstmossen op stenen, muren, daken en bomen.

Gewoon korstmos

Benaming

  • Engelse naam Marbled Grey
  • Duitse naam Graue Flechteneule
  • Franse naam le Bryophile fraisillée
  • Synoniemen Cryphia raptricula
    Cryphia divisa

Meer over de naam

Toelichting Nederlandse naam
De korstmosuilen hebben korstmos als waardplant. Deze soort is donkergrijs. Meer over Nederlandse namen

Toelichting wetenschappelijke naam
raptricula: raptricula is een verkleinwoord van raptrix is een vrouwelijke rover. Denis en Schiffermüller voegden deze soort bij hun ‘kleintjes’ waaraan ze namen gaven die met diefstal te maken hebben. Zie ook O. latruncula.

Auteursnaam en jaartal
(Denis & Schiffermüller, 1775)

Geef je waarneming door!

Heb je een bijzondere vlinder of libel gespot? Meld het ons! Jouw waarnemingen zijn waardevol voor het behoud van deze insecten. Samen kunnen we hun populaties in kaart brengen en beschermen. Help mee aan het behoud van deze prachtige dieren en draag bij aan de wetenschap van de biodiversiteit.

Waarneming melden