Vliegtijd & gedrag
April-oktober in meerdere generaties; soms ook in de wintermaanden een waarneming. De vlinders vliegen zowel overdag als ´s nachts; ze komen goed op licht en in mindere mate op smeer. Overdag en in de schemering bezoeken ze geregeld bloemen, waarbij ze soms heftig met hun vleugels trillend op een blad of bij een bloem zitten. Hierdoor worden ze wel verward met de kolibrievlinder.
Verspreiding in Nederland
Trends
De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.
Levenscyclus
Rups: mei-november. De ontwikkelingssnelheid van de rups is sterk afhankelijk van de temperatuur. De verpopping vindt plaats in een glanzende zilverkleurige cocon tegen een blad van de waardplant. De soort overwintert in zachte winters soms in Nederland als volgroeide rups of als pop.
Herkenning
Kenmerken vlinder
Voorvleugellengte: 13-21 mm. Net als de verwante soorten houdt deze uil in rust de vleugels dakvormig omhoog. Op de bovenkant van het borststuk bevindt zich een opvallende kuif en verder naar achteren zijn twee kleinere kuifjes zichtbaar. De voorvleugel is bruin en grijs gemarmerd en heeft soms een paarsachtige tint. Aan de buitenzijde van de buitenste dwarslijn bevindt zich een breed naar de binnenrand uitlopende licht gekleurde veeg. Het belangrijkste kenmerk is de opvallende zilverkleurige ongebroken Y-vormige vlek in het midden van de voorvleugel. Zowel de grootte van de vlinder als de kleur van de voorvleugel kunnen sterk variëren.
Kenmerken rups
Tot 25 mm; een 'semi-spanrups' met slechts drie paar buikpoten; lichaam varieert in kleur van geelachtig groen tot blauwachtig groen of donker groenachtig grijs; de rug heeft een tekening van fijne witte streepjes en ringetjes en over de spiracula loopt een witte of geelachtige lengteband; kop gewoonlijk groen met aan weerszijden een karakteristieke zwarte streep, die echter ook kan ontbreken, terwijl de kop ook geheel zwart kan zijn.
Gelijkende soorten vlinder
Kleine exemplaren kunnen worden verward met de ni-uil (Trichoplusia ni); bij deze soort is de Y-vormige vlek echter in tweeën gebroken. De zilverkleurige vlek op de voorvleugel van de getekende gamma-uil (Macdunnoughia confusa) loopt via een dunne lijn door tot aan de binnenrand van de vleugel. De donkere jota-uil (A. pulchrina) en de jota-uil (A. jota) zijn meer roodachtig van kleur. De schijn-gamma-uil (Syngrapha interrogationis) is zwarter en sierlijker getekend.De gamma-uil wordt qua gedrag ook wel enigszins verward met de kolibrievlinder. De gamma-uil kan ook met trillende vleugels voor een bloem vliegen, maar lijkt toch minder op een kolibrie dan de kolibrievlinder die echt stilstaat in de lucht waarbij je de vleugelslag nauwelijks kunt volgen. Bovendien vind je de gamma-uil eerder laag in de vegetatie en zie je de kolibrie-vlinder eerder hoog in de vegetatie.
Gelijkende soorten rups
Turkse uil (Chrysodeixis chalcites), koperuil (Diachrysia chrysitis), gelduil (Polychrysia moneta), goudvenstertje (Plusia festucae), moerasgoudvenstertje (Plusia putnami), donkere jota-uil (Autographa pulchrina), jota-uil (Autographa jota), zilvervenster (Autographa bractea) en jonge rupsen van de getekende gamma-uil (Macdunnoughia confusa).N.B.: vergelijk behalve de uiterlijke kenmerken ook de tijd van het jaar waarin de rupsen voorkomen, het habitat en de waardplant(en).
Foto's
Rups
Pop
Vlinder
Verspreiding
Zeldzaamheid
Zeer algemeen. Een trekvlinder uit het Middellandse Zeegebied, die verspreid over het hele land kan worden waargenomen.
België
Zeer algemeen. Een trekvlinder die soms enorm talrijk kan zijn. De soort is als trekvlinder geclasssicifeerd en daarmee niet opgenomen op de Rode Lijst van Vlaanderen (Veraghtert et al. 2023).
Mondiaal
Noord-Afrika, Europa en Azië met uitzondering van de zuidoostelijke delen. Als trekvlinder bereikt gamma de noordelijkste delen van Scandinavië, IJsland en Groenland. Waar de noordgrens ligt van de standvlinders is nog niet bekend. Hacker (1989) vermoedt: 'de grens waarvan zuidelijk de gamma in gunstige jaren kan overleven ligt ongeveer langs de kusten van de Oost- en de Noordzee'.