Vliegtijd & gedrag
Half mei-begin augustus in één generatie. De vlinders komen zowel op licht als op smeer en bezoeken bloemen.
Verspreiding in Nederland
Trends
De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.
Levenscyclus
Rups: augustus-april. De rups foerageert ´s nachts en verbergt zich overdag dicht bij de grond; jonge rupsen foerageren ook overdag. De soort overwintert als rups en verpopt zich in de grond.
Herkenning
Kenmerken vlinder
Voorvleugellengte: 17-19 mm. Een zeer variabele soort met verschillende kleurvormen. De voorrand van de tamelijk brede voorvleugel is vooral bij de vleugelpunt gebogen. De lichte golflijn is onregelmatig getand en heeft in het midden een duidelijke W. In de meeste gevallen is het middenveld donkerder gekleurd dan het wortelveld en het zoomveld; de ringvlek en de niervlek zijn lichter dan de ondergrond en gedeeltelijk donker omrand. De kleur van de voorvleugel varieert van bruinachtig grijs met een warmbruine marmering en een onopvallende of juist een uitgesproken tekening tot grijsachtig bruin met een patroon van vrij grote opvallende zandkleurige vlekken. Bij contrastrijk getekende exemplaren is een zwarte balk zichtbaar tussen de centrale dwarslijnen en zijn in het wortelveld doorgaans twee zwarte strepen zichtbaar.
Gelijkende soorten vlinder
De brede-w-uil (Lacanobia w-latinum) is grijzer en heeft behaarde ogen; de w-uil (Lacanobia thalassina) heeft een wittere W in de golflijn en eveneens behaarde ogen. Zie ook de tandjesuil (Sideridis turbida), de adusta-uil (Mniotype adusta), de zeeuwse grasworteluil (A. oblonga), de schapengrasuil (A. furva), de veldgrasuil (A. anceps) en de kweekgrasuil (A. sordens).
Gelijkende soorten rups
Pijpenstro-uil (Apamea aquila), variabale grasuil (Apamea crenata), rietgrasuil (Apamea unanimus), veldgrasuil (Apamea anceps), kweekgrasuil (Apamea sordens), bonte grasuil (Cerapteryx graminis), donkere grasuil (Tholera cespitis) en gelijnde grasuil (Tholera decimalis). N.B.: vergelijk behalve de uiterlijke kenmerken ook de tijd van het jaar waarin de rupsen voorkomen, het habitat en de waardplant(en).
Foto's
Rups
Vlinder
Verspreiding
Zeldzaamheid
Algemeen. Komt verspreid over het hele land voor. RL: gevoelig.
België
Vrij algemeen in het hele land. De soort staat als Kwetsbaar op de Rode Lijst van Vlaanderen (Veraghtert et al. 2023).
Mondiaal
Europa en Azië naar het oosten tot Japan. Naar het noorden tot de poolcirkel en naar het zuiden Noord-Spanje, Sardinië, Midden-Italië, Noord-Griekenland, de Zwarte Zee en de Kaukasus.