Vliegtijd & gedrag
Half april-half oktober in twee generaties. De vlinders komen zowel op licht als op smeer en bezoeken bloemen.
Verspreiding in Nederland
Trends
De grafiek toont de populatietrend van de soort op basis van tellingen binnen het NEM‑meetnet Nachtvlinders. Wanneer de grafiek leeg is, betekent dit dat de soort in de afgelopen drie jaar op te weinig meetpunten is waargenomen om een betrouwbare trend te kunnen berekenen. Komt de soort bij jou in de buurt voor en wil je tijdens de vliegtijd eens per twee weken met een lichtval tellen en de gegevens invoeren op meetnet.vlinderstichting.nl? Stuur dan een e‑mail naar meetnet@vlinderstichting.nl om je aan te melden als teller.
Levenscyclus
Rups: het hele jaar door aan te treffen, maar vooral van mei tot oktober. De rups foerageert ´s nachts en verbergt zich overdag dicht bij of in de grond. De soort overwintert meestal als pop in een cocon in de grond en soms als rups.
Herkenning
Kenmerken vlinder
Voorvleugellengte: 14-22 mm. Opvallend is de krijtwitte omtrek van de niervlek; onderaan de binnenrand van de niervlek liggen twee kleine witte vlekjes. Ook kenmerkend is de witachtige binnenrand van de golflijn met in het midden een witachtige W. De voorvleugel is doorgaans bruinachtig donkergrijs met lichtere bruine vlekken; soms is de grondkleur meer zwartachtig of juist lichter van kleur. Er is weinig variatie in tekening.
Kenmerken rups
Tot 45 mm; lichaam verieert in kleur van bruin tot grijsachtig groen; langs de rug twee rijen zwarte vlekken, die zich op segment elf tot een zwarte, wigvormige vlek verenigen; langs de spiracula een brede, oranje, okerkleurig gele of lichtgroene lengteband; kop bleek geelachtig bruin of donkerbruin met lichtere tekening. De jonge rupsen zijn groen met gele ringen tussen de segmenten.
Gelijkende soorten vlinder
Zie de tandjesuil (Sideridis turbida) en de adusta-uil (Mniotype adusta).
Gelijkende soorten rups
Volgeling (Noctua comes),kleine breedbandhuismoeder (Noctua janthina), open-breedbandhuismoeder (Noctua janthe), dubbelpijl-uil (Graphiphora augur), zwarte-c-uil (Xestia c-nigrum), trapeziumuil (Xestia ditrapezium), driehoekuil (Xestia triangulum), bruine zwartstipuil (Xestia baja), kleine huismoeder (Noctua interjecta) en splinterstreep (Naenia typica).Lijkt ook op kastanjebruine uil (Xestia castanea), nunvlinder (Orthosia gothica) en spurrie-uil (Anarta trifolii).Rupsen zonder zwarte strepen op het achterlijf kunnen ook verward worden met de rups van de brede-w-uil (Lacanobia w-latinum).N.B.: vergelijk behalve de uiterlijke kenmerken ook de tijd van het jaar waarin de rupsen voorkomen, het habitat en de waardplant(en).
Foto's
Ei-afzet
Rups
Pop
Vlinder
Museum
Verspreiding
Zeldzaamheid
Algemeen. Komt verspreid over het hele land voor. RL: gevoelig.
België
Algemeen in het hele land. De soort staat op de Rode Lijst van Vlaanderen als Momenteel niet in Gevaar (Veraghtert et al. 2023).
Mondiaal
Heel Europa en via de gematigde zone tot Oost-Azië. De noordgrens: Scandinavië tot iets onder de poolcirkel; de zuidgrens: het Middellandse Zeegebied tot Voor- en Midden-Azië.