Direct naar
- Waar komt jakobskruidkruid voor?
- Is jakobskruiskruid echt giftig?
- Hoe verspreidt de plant zich?
- Waarom is jakobskruiskruid belangrijk?
- Hoe voorkom je problemen met jakobskruiskruid?
- Hoe behouden we de plant?
- Bloembezoekende insecten op jacobskruiskruid
- Jakobskruidkruid als waardplant
- Feiten en fabels over jakobskruiskruid
Waar komt jakobskruiskruid voor?
Jakobskruiskruid is een plant die echt in Nederland thuishoort. Vroeger was de plant vooral in de duinen algemeen, maar de laatste jaren neemt de soort sterk toe. Inmiddels is hij te vinden op zandgronden in het hele land. In kleigebieden is jakobskruiskruid vooral te vinden op verstoorde bodems en op plaatsen waar zand is opgebracht (industrieterreinen, wegbermen e.d.).
Is jakobskruiskruid echt giftig?
Ja, de plant is zeker giftig. De stoffen die de giftigheid veroorzaken zijn pyrrolizidine alkaloïden. Het gif grijpt vooral aan op de lever, maar ook in mindere mate op de nieren en longen. De gifstoffen blijven ook in gedroogde vorm onverminderd werkzaam. Jakobskruiskruid is in hooi extra gevaarlijk, omdat de dieren het niet meer herkennen en het dus gewoon eten. In verse vorm laten ze de plant staan. Jakobskruiskruid is ook giftig voor rundvee, maar in agrarisch gebruikt grasland waar een gesloten grasmat aanwezig is komt de plant niet of nauwelijks voor. Schapen en geiten zijn veel minder gevoelig voor het gif.
Rupsen van de jakobsvlinder zijn ongevoelig voor het gif van jakobskruiskruid: zij slaan het gif op en worden daardoor zelf giftig.
Hoe verspreidt de plant zich?
Een jakobskruiskruidplant kan tussen 50.000 en 200.000 zaden produceren. De plant bloeit in juli en augustus en de zaadverspreiding vindt vooral in augustus plaats. Op plekken waar gemaaid is kan de plant opnieuw tot bloei komen en dan ook in september nog zaad dragen. Het zaad wordt vooral (60%) door de wind verspreid. De pluizen waaraan de zaden hangen zie je soms honderden meters door de wind meegevoerd worden. Het zaad zelf is er dan echter al uit. Verreweg het meeste zaad is binnen vijf meter van de plant al uit het pluis verdwenen. Op een afstand van meer dan 25 meter is de zaadverspreiding haast verwaarloosbaar. Als veilige marge kan dan ook een afstand van 50 meter worden aangenomen.
Jakobskruiskruid kan niet kiemen in dicht en bemest grasland. Ook in minder bemeste omstandigheden met een gesloten zode vindt nauwelijks kieming plaats. De plant vestigt zich het beste op open plekken waar de bodem verstoord is.
Waarom is jakobskruiskruid een belangrijke plant?
Jakobskruiskruid hoort van nature thuis in Nederland, in matig schrale tot schrale graslandvegetaties. Jakobskruiskruid levert een fraai kleurenbeeld in bermen en graslanden door de mooie gele bloemen. Daarnaast is het een heel waardevolle nectar- en stuifmeelleverancier. Zo zijn er meer dan 150 Nederlandse soorten insecten bekend die de plant gebruiken als voedselplant, waaronder 32 soorten bijen, 38 soorten zweefvliegen en 38 soorten vliegen. Van 27 soorten dagvlinders (de helft van alle Nederlandse soorten) zijn waarnemingen op jakobskruiskruid bekend. Negen van die dagvlinders zijn Rode Lijst-soorten, soorten dus die kwetsbaar zijn en worden bedreigd.
Naast de functie als voedselleverancier voor imago’s is jakobskruiskruid ook voor meer dan 30 soorten de plant die ze gebruiken als waardplant. De larven leven ervan. Van die 30 soorten zijn er zelfs een paar die helemaal op jakobskruiskruid zijn gespecialiseerd en dus uitsterven als de plant verdwijnt. De sint-jacobsvlinder (Tyria jacobaeae) is hiervan een voorbeeld. De zwart met geel gestreepte rupsen slaan de gifstoffen op in hun lichaam en zijn daarmee oneetbaar voor hun meeste vijanden. De larven van de bladkever Longitarsus jacobaeae leven in de wortels en de stengel van de plant.
Hoe voorkom je problemen met jakobskruiskruid?
Eigenaren van paarden en koeien kunnen zelf de risico’s voor vergiftiging van hun vee sterk verkleinen door ervoor te zorgen dat jakobskruiskruid zich niet in hun grasland kan vestigen. In een goed onderhouden weiland met een dichte graszode kan jakobskruiskruid niet kiemen. In droge zomers kan de grasmat open komen te liggen zodat de zaden alsnog kiemen. Dit vormt de laatste jaren een probleem en ligt buiten het reguliere beheer. Voorkom daarom overbegrazing. De open plekken die daardoor ontstaan bieden prima vestigingsmogelijkheden voor de plant!
Controleer regelmatig
Als het land regelmatig wordt gecontroleerd op de aanwezigheid van de plant en als, waar nodig, de kruiskruid (handmatig, met handschoenen aan) wordt verwijderd is het risico van vergiftiging van het vee minimaal. Uiteraard is het ook belangrijk dat het hooi dat wordt gevoerd vrij is van jakobskruiskruid. Een aanbieder van hooi moet garanderen dat er geen jakobskruiskruid in zit! Overige landeigenaren (de ‘buren’) moeten voorkomen dat jakobskruiskruid zich vanuit hun gronden verspreidt naar risicogebieden. Dit betekent dat binnen 50 meter van een risicogebied gezorgd moet worden dat het jakobskruiskruid geen zaad kan vormen. Risicogebieden zijn slecht onderhouden graslanden met open grond waarop toch vee graast.
Maaien
Als het om weinig planten gaat is handmatige verwijdering een goede optie. Als jakobskruiskruid veel voorkomt is dit door een ander maaibeheer tegen te gaan. Tweemaal per jaar maaien, waarbij de eerste maaibeurt na half juli is, zorgt dat de plant voor de bloei wordt afgemaaid. De hergroei wordt verwijderd in de tweede maaibeurt van eind augustus, begin september. Het jakobskruiskruid zal dan afnemen en uiteindelijk verdwijnen.
Hoe behouden we de plant?
Buiten de zone van 50 meter, direct rond slecht onderhouden graslanden waarop vee graast, is jakobskruiskruid geen enkel probleem. Speciale maatregelen zijn daar dus niet nodig. Hier kan de plant gewoon groeien, bloeien en zaad zetten. Als iedereen zich realiseert wat de gevaren van de plant zijn en daarmee rekening houdt, is er geen enkele reden voor grootschalige bestrijding. Dan kunnen ook paardenliefhebbers met een gerust hart genieten van het jakobskruiskruid en zijn rijke insectenfauna!

Bloembezoekende soorten op jakobskruiskruid
Veel soorten ongewervelden gebruiken jakobskruiskruid als leverancier van nectar of stuifmeel. Dit gaat om specifiek aan de plant gebonden soorten, hun parasieten en de soorten die naast jakobskruiskruid ook andere soorten benutten.
Dagvlinders (27 soorten)
Zo’n 27 soorten dagvlinders maken gebuik van jakobskruiskruid, waarvan 9 soorten op de Rode Lijst Dagvlinders als bedreigd worden aangegeven.
- zwartsprietdikkopje (Thymelicus lineola) algemene standvlinder
- kommavlinder (Hesperia comma) vrij zeldzame standvlinder
- klein koolwitje (Pieris rapae) zeer algemene standvlinder
- klein geaderd witje (Pieris napi) zeer algemene standvlinder
- eikenpage (Favonius quercus) vrij schaarse standvlinder
- bruine eikenpage (Satyrium ilicis) vrij zeldzame standvlinder
- kleine vuurvlinder (Lycaena phlaeas) algemene standvlinder
- bruine vuurvlinder (Lycaena tityrus) schaarse standvlinder
- icarusblauwtje (Polyommatus icarus) algemene standvlinder
- bruin blauwtje (Aricia agestis) vrij schaarse standvlinder
- boomblauwtje (Celastrina argiolus) algemene standvlinder
- atalanta (Vanessa atalanta) zeer algemene trekvlinder
- distelvlinder (Vanessa cardui) zeer algemene trekvlinder
- kleine vos (Aglais urticae) zeer algemene standvlinder
- dagpauwoog (Aglais io) zeer algemene standvlinder
- gehakkelde aurelia (Polygonia c-album) algemene standvlinder
- landkaartje (Araschnia levana) algemene standvlinder
- kleine parelmoervlinder (Issoria lathonia) schaarse standvlinder
- grote parelmoervlinder (Argynnis aglaja) zeer zeldzame standvlinder
- duinparelmoervlinder (Argynnis niobe) zeldzame standvlinder
- bosparelmoervlinder (Melitaea athalia) zeer zeldzame standvlinder
- bruin zandoogje (Maniola jurtina) algemene standvlinder
- oranje zandoogje (Pyronia tithonus) algemene standvlinder
- argusvlinder (Lasiommata megera) algemene standvlinder
- koevinkje (Aphantopus hyperanthus) algemene standvlinder
- hooibeestje (Coenonympha pamphilus) algemene standvlinder
- heivlinder (Hipparchia semele) vrij schaarse standvlinder
Nachtvlinders (5 soorten)
- bonte grasuil (Cerapteryx graminis) algemeen
- gamma-uil (Autographa gamma) zeer algemeen
- eikenwespvlinder (Synanthedon vespiformis) zeldzaam
- Anthophila fabriciana algemeen
- Prochoreutis myllerana vrij algemeen
Kevers (4 soorten)
- Rhagonycha fulva
- glanskever (Meligethes sp.)
- Antherophagus nigricornis
- Oedemera virescens
Vliesvleugeligen (11 soorten)
- sluipwesp (Ichneumonidae div sp.)
- zandgoudwesp (Hedychrum nobile)
- bossteekmier (Myrmica ruginodis)
- zaagpootspinnendoder (Priocnemis exaltatus)
- grote rupsendoder (Ammophila sabulosa)
- spieswesp (Oxybelus argentatus)
- muggendoder (Crossocerus wesmaeli)
- wimperwesp (Entomognathus brevis)
- graafwesp (Argogorytes mystaceus)
- graafwesp (Hoplisus quadrifasciatus)
- gewone vliegendoder (Mellinus arvensis)
Bijen (32 soorten)
- zuidelijke zijdebij (Colletes similis)
- duinzijdebij (Colletes fodiens)
- blokhoofdgraafbij (Halictus maculatus)
- roodpotige graafbij (Halictus rubicundus)
- kruiskruidzandbij (Andrena denticulata)
- wimperflankzandbij (Andrena dorsata)
- grasbij (Andrena flavipes)
- heidezandbij (Andrena fuscipes)
- donkere zomerzandbij (Andrena nigriceps)
- Andrena carbonaria
- geelstaartklaverzandbij (Andrena wilkella)
- zandblauwtjesglansbij (Dufourea halictula)
- gewone viltbij (Epeolus variegatus)
- borstelwespbij (Nomada stigma)
- geeltipje (Nomada sheppardana)
- zwartsprietwespbij (Nomada flavopicta)
- sierlijke wespbij (Nomada panzeri)
- heidewespbij (Nomada rufipes)
- roodzwarte dubbeltand (Nomada fabriciana)
- kortsprietwespbij (Nomada fucata)
- slanke kegelbij (Coelioxys elongata)
- gedoornde slakkenhuisbij (Osmia spinulosa)
- tronkenbij (Heriades truncorum)
- steenhommel (Bombus lapidarius)
- weidehommel (Bombus pratorum)
- akkerhommel (Bombus pascuorum)
- late hommel (Bombus soroëensis)
- tuinhommel (Bombus hortorum)
- aardhommel (Bombus terrestris)
- vierkleurige koekoekshommel (Bombus sylvestris)
- gewone koekoekshommel (Bombus campestris)
- gewone honingbij (Apis mellifera)
Vliegen (38 soorten)
- Bibio pomonae
- Sciara thomae
- Nemotelus uliginosus
- Nemotelus notatus
- Empis livida
- Empis aestiva
- Rhamphomyia variabilis
- Conops quadrifasciata
- Conops strigatus
- Conops flavipes
- Physocephala rufipes
- Zodion cinereum
- Sicus ferrugineus
- Myopa fasciata
- Siphona geniculata
- Tachina grossa
- Tachina fera
- Eriothrix rufomaculata monochaeta
- Estheria cristata
- Dinera grisescens
- Gymnosoma rotundatum
- Sarcophaga carnaria
- Sarcophaga nigriventris
- Sarcophaga incisilobata
- Sarcophaga melanura
- Macronichia ungulans
- Calliphora vicina
- Onesia biseta
- Lucillia caesar
- Lucillia sericata
- Pollenia rudis
- Drymeia hamata
- Graphomya maculate
- Morellia simplex
- Phaonia incana
- Helina duplicate
- Botanophila seniciella
- Botanophila fugax
Zweefvliegen (32 soorten)
- piemel-krieltje (Paragus tibialis)
- snuit-platvoetje (Platycheirus manicatus)
- scheefvlek-platvoetje (Platycheirus peltatus)
- mica-platvoetje (Platycheirus albimanus)
- gewoon platvoetje (Platycheirus clypeatus)
- grote langlijf (Sphaerophoria scripta)
- Sphaerophoria menthastri
- gewone citroenzwever (Xanthogramma pedisequum)
- witte halvemaanzwever (Scaeva pyrastri)
- bos-bandzwever (Syrphus torvus)
- bessen-bandzwever (Syrphus ribesii)
- kleine bandzwever (Syrphus vitripennis)
- Syrphus albostriatus
- Syrphus tricinctus
- snorzweefvlieg (Episyrphus balteatus)
- Cheilosia soror
- ongeschoren gitje (Cheilosia barbata)
- kruiskruid-gitje (Cheilosia bergenstammi)
- zand-gitje (Cheilosia urbana)
- witte reus (Volucella pellucens)
- gele fophommel (Arctophila mussitans)
- weidevlekoog (Eristalinus sepulchralis)
- kustvlekoog (Eristalinus aeneus)
- kegel-bijvlieg (Eristalis pertinax)
- blinde bij (Eristalis tenax)
- kleine bijvlieg (Eristalis arbustorum)
- bos-bijvlieg (Eristalis horticola)
- punt-bijvlieg (Eristalis nemorum)
- doodskopzweefvlieg (Myiathropa florae)
- citroen-pendelvlieg (Helophilus trivittatus)
- gewone pendelvlieg (Helophilus pendulus)
- menuetzweefvlieg (Syritta pipiens)
Jakobskruiskruid als waardplant
Veel dieren gebruiken de plant jakobskruiskruid als waardplant. Een overzicht van soorten die jakobskruiskruid gebruik maken om te overleven is hieronder weergegeven.
Nachtvlinders (25 soorten)
- Jacobsvlinder (Tyria jacobaea)
- Roomvlek (Arctia villica)
- Grote beer (Arctia caja)
- Kleine beer (Phragmatobia fuliginosa)
- Sneeuwbeer (Spilosoma urticae)
- Goudgele boorder (Gortyna flavago)
- Agaatvlinder (Phlogophora meticulosa)
- Bonte worteluil (Agrostis vestigialis)
- Bruine grasuil (Rhyacia simulans)
- Bruine witvleugeluil (Aporophila lutulenta)
- Kustuil (Polymixis lichenea)
- Jota-vlinder (Autographa jota)
- Zwartvlekdwergspanner (Eupithecia centaureata)
- Eupithecia expallidata
- Struikheidedwergspanner (Eupithecia goossensiata)
- Oranje dwergspanner (Eupithecia icterata)
- Beverneldwergspanner (Eupithecia pimpinellata)
- Guldenroededwergspanner (Eupithecia virgaureata)
- Gewone dwergspanner (Eupithecia vulgata)
- Homosoeosoma nebulella
- Homosoeosoma nimbella
- Phalonia dubitana
- Phalonia atricapitana
- Commophila aeneana
- Epiblema costipunctana
Bladkevers (5 soorten)
- Longitarsus dorsalis
- Longitarsus ganglbaueri
- Longitarsus jacobaeae
- Longitarsus suturellus
- Longitarsus ochroleucus
Vliegen (4 soorten)
- Contarinia jacobaeae
- Sphenella marginata
- Melanagromyza aeneiventris
- Phytomyza albiceps
Plantparasieten (6 soorten)
- Puccinia dioicae
- Sphaertheca humuli
- Leptoshaeria derasa
- Pleospora herbarum
- Vals meeldauw op sla (Bremia lactcae)
- Klavervreter (Orobanche minor)