Eikenprocessierups

Als de keuze gemaakt moet worden tussen preventieve bestrijding met aaltjes of bacteriepreparaten, wat is dan de beste optie?

Wanneer nematoden vroeg in het voorjaar worden toegepast (tot het moment dat het blad uit de knoppen van de eik komt) is er beperkte kans dat rupsen van andere nachtvlinders dan de eikenprocessierups getroffen worden. Bacteriepreparaten worden in de boom gespoten als de eik in blad staat, een moment waarop al tientallen nachtvlinders als rups in de eiken zitten. Bovendien blijven bacteriepreparaten langer actief (ca. 10 dagen) dan nematoden (max. 1 dag) en kunnen op de begroeiing onder de eiken terecht komen. Daarom zijn nematoden te prefereren boven bacteriepreparaten (zoals Xentari).

Het bestrijdingsmiddel tegen de eikenprocessierups was toch verboden?

De Vlinderstichting heeft met succes bezwaar gemaakt tegen het gebruik van Vertimec. Dit bestrijdingsmiddel wordt in de boom gespoten, blijft daar lang aanwezig en is ook dodelijk voor veel andere insecten. De biologische middelen waar het in deze kaart om gaat, een bacteriepreparaat en aaltjes, mogen wel gebruikt worden en zijn toegelaten door het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (CTGB).

Die bestrijdingsmiddelen zijn toch biologisch, waarom is De Vlinderstichting er dan toch geen voorstander van?

De gebruikte middelen zijn inderdaad biologisch en werken maar een beperkte tijd. Het probleem met zowel het bacteriepreparaat (XenTari) als de aaltjes (nematoden) is dat ze niet selectief werken op alleen de rupsen van de eikenprocessierups, maar alle rupsen die op moment van spuiten in de eiken zitten worden gedood. Daarmee richten ze flink wat onnodige schade aan onze biodiversiteit aan.

Gaan (jonge) vogels dood van die biologische bestrijdingsmiddelen?

Voor zover we weten werken de gebruikte middelen alleen tegen rupsen en gaan vogels er niet direct aan dood. De middelen werken wel op alle rupsen in de behandelde eiken en dat betekent dat er daar geen voedsel meer is voor de vogels. Als er grootschalig wordt gespoten betekent dit dat er veel minder jonge vogels groot zullen worden.

Jullie maken beheerkaarten voor gemeenten waar ze niet mogen spuiten. Mag het van jullie daarbuiten dus wel?

De beheerkaarten geven aan waar beschermde soorten voorkomen en waar vanuit de Omgevingswet niet gespoten mag worden. Als Vlinderstichting willen we dat de biologische bestrijding met bacteriepreparaten en aaltjes niet of alleen in uitzonderlijke gevallen en kleinschalig wordt toegepast als het niet anders kan.

Mag er overal met biologische middelen gespoten worden?

Nee, niet overal. Zo mogen de middelen niet worden gebruikt op plekken waar wettelijk beschermde vlindersoorten voorkomen. Veel gemeenten gebruiken daarvoor de beheerkaart van De Vlinderstichting. In beschermde natuurgebieden (Natura2000) waar beschermde dieren voorkomen kan de behandeling schadelijk zijn en dus niet toegestaan. De middelen mogen niet in het oppervlaktewater komen, dus mogen niet gebruikt worden bij watergangen.

Wat kan ik doen als ik constateer dat men in overtreding is?

Je kunt beginnen met de gemeente of andere verantwoordelijke instantie erop te wijzen. Mocht er op je melding bij de verantwoordelijke instantie niet adequaat gehandeld worden dan is het mogelijk om vervolgens melding te maken bij je provincie en/of de NVWA via het gebruikersportaal op hun websites. Je kunt er een handhavingsverzoek indienen. Als er gespoten wordt binnen 5 meter van een watergang kun je een klacht indienen bij het Waterschap; dat gaat over de kwaliteit van het water.

Wat moet er nog meer gebeuren om ervoor te zorgen dat de overlast van de eikenprocessierups minder wordt?

Eikenprocessierupsen hebben voorkeur voor losstaande bomen zonder veel ondergroei. Als we zorgen voor meer hoger opgaande plantengroei en struiken hebben ze minder goede voortplantingsplekken. Als er een bloemrijke plantengroei onder de bomen is komen er meer natuurlijke vijanden en is de kans op plaagvorming kleiner.

Wat vindt De Vlinderstichting een goede manier van aanpakken van de eikenprocessierups?

De Vlinderstichting is voorstander van het stimuleren van de natuurlijke vijanden van de eikenprocessierups op allerlei manieren: bijvoorbeeld natuurvriendelijk beheer van bermen en groenstroken en het stimuleren van meer bloeiende planten. Maar omdat er nog weinig bekend is over de effectiviteit van bovenstaande maatregelen moet daar meer onderzoek naar gedaan worden en ook naar soortspecifieke bestrijdingsmethoden. Op plekken waar er groot risico is willen we dat de nesten op een veilige manier worden weggezogen. Eventueel kunnen plekken met veel nesten tijdelijk worden afgesloten en kan duidelijke informatie worden gegeven over de risico’s. Het preventief bestrijden met de biologische middelen mag alleen kleinschalig, in uitzonderlijke gevallen, als de andere methoden niet mogelijk zijn.

Werkt het ophangen van nestkastjes voor mezen tegen de eikenprocessierups?

Mezen eten, net als veel andere insectenetende vogels, veel rupsen. Zeker in het voorjaar, als de jongen er zijn, worden duizenden rupsen gevoerd. Ook rupsen van de eikenprocessierups kunnen door mezen gegeten worden en meer mezen betekent dus dat er meer eikenprocessierupsen kunnen worden opgegeten. In welke mate eikenprocessierupsen onderdeel uitmaken van het voedsel van mezen is nog onbekend. Maar de eikenprocessierups zal door mezen niet verdwijnen.

Tuinvlindertelling

De vlinder die ik zie staat niet in de tellijst, wat nu?

Voor de tuinvlindertelling kijken we naar de meest voorkomende soorten in tuinen. Wil je nog meer soorten kunnen invoeren? Dan raden wij je aan je te registreren op jaarrondtelling.nl.

Hoe herken ik de witjes/ zandoogjes/blauwtjes/vlinders?

Er is een mooie herkenningskaart van de vlinders die in tuinen te zien zijn. Voor sommige groepen zijn er ook speciale herkenningskaarten te downloaden zoals voor de witjes, de blauwtjes en de zandoogjes. Het is goed om te proberen een foto te maken als je een soort niet herkent, want via de gratis app Obsidentify kun je ook de naam vinden bij een foto.

Hoe voorkom ik dat ik vlinders dubbel tel?

Je geeft het aantal vlinders door die je tegelijk hebt gezien. Als je een kwartier telt en drie keer één dagpauwoog zag en één keer twee dagpauwogen, dan geef je 2 door als aantal.

Ik zie geen vlinders in mijn tuin, wat nu?

Ook als je geen vlinders ziet is jouw telling belangrijk. Je kunt deze gewoon doorgeven. Je kunt het nog een keer proberen en misschien dat er dan wel vlinders in jouw tuin of op jouw balkon te zien zijn.

Mag ik meer dan 1 telling doen?

Je mag zo vaak tellen als je wilt, zolang het maar steeds nieuwe tellingen zijn. Begin dus elke telling weer bij nul.

Wat is het beste moment om te tellen?

Vlinders zijn vooral actief tussen 11 uur ’s ochtends en 3 uur ’s middags. Als het warm is kun je vanaf een uur of negen al vlinders te zien krijgen. Ze vliegen door tot het einde van de middag, dus na vijf uur is het vaak niet meer geschikt.

Wordt het warmer dan 30 graden? Tellen kan dan het beste voor of na het warmste moment van de dag: voor 13 uur of na 15 uur, maar niet later dan 18 uur.

Wat moet ik doen als ik een vlinder niet herken maar wel zie?

Als je een vlinder ziet maar niet weet welke het is, kun je “dagvlinder onbekend” aangeven. Vergeet niet het juiste aantal door te geven.

Vlinders

Hoe herken ik de witjes/ zandoogjes/blauwtjes/vlinders?

Er is een mooie herkenningskaart van de vlinders die in tuinen te zien zijn. Voor sommige groepen zijn er ook speciale herkenningskaarten te downloaden zoals voor de witjes, de blauwtjes en de zandoogjes. Het is goed om te proberen een foto te maken als je een soort niet herkent, want via de gratis app Obsidentify kun je ook de naam vinden bij een foto.

Hoeveel soorten vlinders zijn er in Nederland?  

In Nederland leven meer dan 2400 soorten vlinders, maar dat zijn niet allemaal dagvlinders. Een groot deel daarvan zijn nachtvlinders of micro-vlinders (heel kleine vlindertjes). Er leven nu nog 53 soorten dagvlinders in ons land, en er zijn er al 17 verdwenen uit Nederland. Dat komt bijvoorbeeld doordat hun leefgebieden aangetast zijn. De Vlinderstichting wil voorkomen dat er nog meer vlinders verdwijnen en zet zich in voor het behoud van vlinders in Nederland.  

Welke soort heb ik gezien?

Heb je een vraag over welke soort je hebt gezien? Determineer de foto met de ObsIdentify app (Nederlandse soort) of iNaturalist app (Nederlandse en buitenlandse soorten) of stuur de foto naar onze deskundige vrijwilligers via vragen@vlinderstichting.nl.  

Wat is het verschil tussen dagvlinders en nachtvlinders?

Het verschil tussen dag- en nachtvlinders lijkt heel simpel: dagvlinders vliegen overdag en nachtvlinders ’s nachts. Maar dat is niet helemaal waar, want er zijn ook nachtvlinders die overdag vliegen. Die noemen we ‘dagactieve nachtvlinders’.
Je kunt het zien aan de manier waarop ze hun vleugels vouwen en aan het knopje op hun voelsprieten. 

Lees meer over de verschillen tussen dagvlinders en nachtvlinders

Wat eet een vlinder?

De meeste vlinders eten van de nectar die in bloemen zit. In nectar zit een heleboel energie, die vlinders nodig hebben om te kunnen vliegen en eitjes te leggen. Er zijn ook vlindersoorten die de voorkeur geven aan rottend fruit, bijvoorbeeld de atalanta (algemeen in Nederland) en de rouwmantel (zeldzaam in Nederland). Weerschijnvlinders houden van zweet van mensen en dieren. Deze vlinders kunnen dus nog wel eens op je arm gaan zitten.

Wat eet een rups?  

Rupsen zijn erg kieskeurig: vaak lusten ze maar één soort plant! De meeste vlinders leggen hun eitjes dan ook op planten die later door de rups gegeten zullen worden. Deze planten noemen we de waardplanten van de vlinder. Meestal zijn dit wilde plantensoorten.  

Lees meer over voedsel voor rupsen

Hoe oud kan een vlinder worden? 

Hoe oud een vlinder wordt is heel verschillend. De citroenvlinder kan bijna een jaar oud worden (als vlinder). Dat komt doordat de citroenvlinder ook in de winter vlinder is en geen eitje, rups of pop. De meeste vlinders worden veel minder oud, maximaal twee tot drie weken. Er zijn er ook die als vlinder maar één of enkele dagen leven. Als deze vlinders dan goed hebben kunnen vliegen, dan hebben ze zich ook goed kunnen verspreiden en voortplanten, dat is wat de voornaamste reden van hun bestaan is.

Hoe lang duurt het voor een pop in een vlinder verandert?  

Dat is heel verschillend, want er zijn een heleboel verschillende soorten vlinders. En soms kan het zelfs binnen één soort verschillen, zoals bij het groot koolwitje. In de zomer duurt het iets meer dan een week tot het koolwitje uit de pop kruipt. Maar in de winter overwintert hij als pop en dan duurt het veel langer, wel 160 tot 330 dagen. 

Lees meer over de levenscyclus van vlinders

Hoe groot is de grootste vlinder ter wereld?  

De grootste vlinder is de atlasvlinder. Deze vlinder leeft in Zuidoost-Azië en heeft een spanwijdte van 25-30 cm.  

Wat is de grootste vlinder van Nederland? 

De grootste dagvlinder van Nederland is de koninginnenpage. Deze vlinder kan 8 tot 10 cm groot worden.  

De grootste nachtvlinder in Nederland is de ligusterpijlstaart, die wel 10 cm groot kan worden.  

Bekijk alle vlinders

Leggen rupsen eitjes? 

Nee, rupsen leggen geen eitjes, want ze zijn het larvale stadium van de vlinder. In de levenscyclus van de vlinder is dit beschreven.   

Maar soms lijken er wel een soort ‘eitjes’ bij rupsen aanwezig te zijn. Dit zijn echter:  

a. poepjes van de rupsen. Rupsen eten echt heel veel (tenzij ze op het punt van vervellen staan) en poepen dan ook veel, meestal zwarte keutels.  

OF  

b. poppen van parasieten. Parasieten zijn vaak sluipwesplarven die van binnenuit de nog levende rups opeten. Als ze zich verpoppen kunnen ze uit de rups knappen en dan ligt er een hoopje poppen die mogelijk ook aangezien kunnen worden voor eitjes.

Lees meer over de levenscyclus van vlinders

Hoeveel eitjes legt een vlinder? 

Het aantal eitjes dat een vlinder legt verschilt heel sterk per soort. De ene soort legt maar weinig eitjes. De eikenpage legt bijvoorbeeld gemiddeld maar 20 eitjes. Het groot koolwitje daarentegen kan er wel 1000 leggen! Vlindereitjes zijn erg klein, dus je zult ze niet vaak zien.  

 Vlinders leggen hun eitjes ook allemaal op een andere manier. Het oranjetipje legt maar 1 eitje per plant, de dagpauwoog legt tot wel 300 eitjes bij elkaar en het landkaartje maakt strengetjes van eitjes onder een blad. Er zijn ook soorten waarvan de vrouwtjes de eieren gewoon laten vallen, de rupsen moeten dan zelf op zoek gaan naar de geschikte waardplant. Meestal zijn dit rupsen die van verschillende soorten planten kunnen leven. Sommige zandoogjes, waarvan rupsen op diverse grassen leven, laten hun eitjes vallen in een grasland en daar vinden de rupsen snel de juiste waardplant. 

Lees meer over vlindereitjes

Wat is de zeldzaamste vlinder in Nederland?

Er is niet één zeldzaamste vlinder van Nederland, maar een aantal soorten die nog maar één populatie in Nederland hebben. Dit zijn de kleine heivlinder, donker pimpernelblauwtje en het pimpernelblauwtje. Het zou heel jammer zijn als deze soorten niet meer bij ons zouden rondvliegen. Van het veenbesblauwtje, veenbesparelmoervlinder en het veenhooibeestje zijn meer dan één populatie, maar die zijn zeer klein: vliegen op die locaties maar enkele tientallen exemplaren. 

Bekijk alle vlinders

Hoe kan ik de vlinders helpen?  

Word donateur van De Vlinderstichting; dankzij onze donateurs kunnen wij vlinders nog beter beschermen! Of ga zelf aan de slag, je kan de vlinders helpen door je tuin vlindervriendelijk te maken.  

Help de vlinders

Hoe zien de vleugels van een vlinder eruit? 

Vlinders behoren binnen de insecten klasse tot de orde van Lepidoptera. De letterlijke vertaling is ‘schubvleugeligen’.   

Als je de vleugels van vlinders van dichtbij bekijkt, bijvoorbeeld door een vergrootglas of een microscoop, dan zie je allemaal kleine schubjes, net als bij vissen. Die schubjes hebben een bepaalde kleur, bijvoorbeeld rood of geel. Dit komt doordat ze op verschillende wijze licht weerkaatsen, zo krijgen ze de voor ons zichtbare kleuren en tekening. Soms zie je een vlinder die minder kleurig is en er een beetje versleten uit ziet. Dan heeft de vlinder al een hele tijd gevlogen en is hij een deel van de schubjes kwijt.  

Lees meer over de vleugels

Hoe krijg ik meer vlinders in mijn tuin? 

Vlinders naar de tuin lokken is helemaal niet moeilijk, als je maar kijkt door vlinderogen. Je tuin kan veel meer zijn dan een ‘kroeg’ voor vlinders: met een paar simpele aanpassingen wordt het een supermarkt en thuis, waar vlinders hun hele levenscyclus kunnen doorlopen.  

Maak je tuin vlindervriendelijk

Waar blijven vlinders in de winter? 

Als het in september en oktober weer kouder wordt, gaan de vlinders in winterrust. De meeste vlinders in Nederland brengen de winter door als eitje, rups of pop. Een paar brengen de winter door als vlinder. Voor sommige vlinders is het te koud in Nederland in de winter, deze trekvlinders overwinteren in een warm land. 

Lees alles over vlinders in de winter

Waarom hebben vlinders kleuren?

Er zijn verschillende redenen waarom vlinders kleuren hebben. De kleuren kunnen een waarschuwing zijn voor vlinder-etende dieren om aan te geven dat ze giftig zijn. De sint-jacobsvlinder is hier een voorbeeld van. De rups van deze nachtvlinder is geel-zwart gestreept en de vlinder zwart met fel rood om duidelijk te maken dat hij giftig is.  

Er zijn ook vlinders die met hun kleuren andere dieren laten schrikken. De dagpauwoog bijvoorbeeld heeft ogen op de vleugels. Als een vogel zo’n vlinder wil opeten, dan opent de dagpauwoog zijn vleugels. De vogel ziet de ogen en schrikt daarvan waardoor de vlinder snel weg kan vliegen.  

Andere kleuren geven de vlinder camouflage, zodat hij tegen een bepaalde achtergrond niet meer zichtbaar is. Dikkopjes zijn bijvoorbeeld bruin, zodat je ze bijna niet ziet in het hoge gras.  

Lees meer over vlinderkleuren

Waarom houden vlinders van de zon?

Net zoals alle andere insecten, is een vlinder een koudbloedig dier. Dat betekent dat ze niet, zoals wij, een constante temperatuur van bijvoorbeeld 37 graden hebben. Hun temperatuur is afhankelijk van de temperatuur van de omgeving, en dus hebben ze de zon nodig om warm te worden. Want pas als het warm is, worden ze actief en kunnen ze vliegen. 

Een dagvlinder kan pas vliegen als z’n lichaamstemperatuur tenminste 20 graden is, maar 30 graden is beter. Op een zonnige warme dag is dat geen probleem: door met zijn vleugels wijduit te gaan zitten, vangt de vlinder zoveel mogelijk zonnewarmte op. Als hij warm genoeg is, sluit hij zijn vleugels weer of gaat een eindje vliegen.  

Vooral op beschutte plekjes kan het lekker warm worden. Daarom kun je vlinders vaak vinden in de beschutting van struiken, heggen, houtwallen of bosranden. Op koude, bewolkte dagen houden ze zich schuil. 

Waarom zijn er nog maar zo weinig vlinders? 

Er leven nu nog 53 soorten dagvlinders in ons land, en er zijn er al 17 verdwenen uit Nederland. Dat komt bijvoorbeeld doordat hun leefgebieden aangetast zijn. In Nederland wonen een heleboel mensen dicht op elkaar en is er nog maar weinig ruimte voor vlinders. In intensief gebruikte gebieden is geen plaats voor vlinders en ook de overgebleven natuurgebieden zijn klein en hebben last van teveel stikstof, verdroging en versnippering. Mogelijk spelen bestrijdingsmiddelen ook een negatieve rol.  

De Vlinderstichting wil voorkomen dat er nog meer vlinders verdwijnen en zet zich in voor het behoud van vlinders in Nederland.

Lees hoe je kunt helpen

Wat is het nut van vlinders? 

Vlinders bestuiven de bloemen wanneer ze bloemen bezoeken om nectar te zuigen. Verder eten heel wat andere dieren de rupsen, poppen en vlinders, waardoor ze hun nut hebben als voedsel voor die dieren. Ook kan de aanwezigheid van vlinders in een bepaald gebied iets zeggen over dat gebied, dat noemen we ‘indicatoren’.  

Indicatoren  

Sommige soorten zijn heel gevoelig voor veranderingen in de omgeving waar ze leven. Als een soort op een bepaalde plek voorkomt, dan kan dat een teken zijn dat het daar goed gaat met de natuur. Andersom kan het verdwijnen van een soort aangeven dat het niet goed gaat met de natuur. Ook zijn de rupsen gebonden aan bepaalde planten als voedselplant, zodat het voorkomen van een soort vlinder ook iets zegt over het voorkomen van een plant.  

En verder zijn vlinders natuurlijk erg mooi en onderdeel van de biodiversiteit!

Hoe moet ik mijn waarnemingen doorgeven? 

Het ligt eraan waar en hoe je de waarnemingen hebt gedaan. Kijk vooral wat het beste bij je past!

Heb je een meetnet route waarbij je steeds op dezelfde plek alle vlinders hebt geteld? Deze geef je door via meetnet.vlinderstichting.nl en niet via waarneming.nl. Invoeren kan ook via de app.

Heb je alle vlinders op een route geteld maar is de route niet altijd hetzelfde? Deze flextellingen kan je bij verschillende apps doorgeven. Met de ButterflyCount kun je bijvoorbeeld in heel Europa terecht, met Obsmapp kun je elke willekeurige soortgroep tellen en met de LiveAtlas via Avimap kun je tegelijkertijd de ene soortgroep wel en de andere niet compleet tellen.

Gaat het om losse waarnemingen die je hebt gedaan? Zag je bijvoorbeeld een bijzondere of interessante soort die je graag met ons zou delen? Er zijn in Nederland veel manieren om natuurwaarnemingen online in te voeren en op te slaan:  

  • Sommige mensen houden van het competitie-element in Waarneming.nl. Ook anderen kunnen dan zien wat u hebt doorgegeven.  
  • Anderen hebben alles graag bij elkaar in Telmee, waar je ook buitenlandse waarnemingen in kunt invoeren.  
  • Via iNaturalist is het ook mogelijk om op de hele wereld waarnemingen door te geven.  

Als je de waarnemingen via een van bovenstaande sites invoert, dan komen die meteen ten goede aan onderzoek en bescherming.  

Hoe kweek ik zelf een rups op? 

Als je een rups op een plant gevonden hebt, kan je proberen hem zelf in een bak te laten verpoppen. Maar dat is niet altijd even makkelijk!  Zorg dat je de plant waarop de rups zat als voedsel aanbied. Grote rupsen, die niet op een plant zitten maar rondkruipen zijn waarschijnlijk op zoek naar een plek om te verpoppen. Laat die gewoon rustig zoeken.  

Lees meer over het verzorgen van rupsen

Zijn er mannelijke en vrouwelijke rupsen? 

Jazeker! Rupsen zijn mannelijk of vrouwelijk, maar meestal kun je dat niet zien. Bij sommige soorten uit het geslacht bladrollers (micro-nachtvlinders) is dit wel te zien, omdat de huid van het laatste rupsenstadium nog doorschijnend is. In het laatste rupsenstadium zijn namelijk in het 5e of 6e achterlijfssegment de (onvolgroeide) mannelijke testikels ontwikkeld. Deze zijn bij rupsen met transparante huid als een paar gele organen zichtbaar. Hierdoor zou men onderscheid kunnen maken tussen de mannelijke en vrouwelijke rupsen. Dit is bijvoorbeeld het geval bij de vruchtbladroller en de grote appelbladroller. Bij bekende dagvlinders en macro-nachtvlinders is dit helaas niet te zien, deze soorten hebben namelijk een dikke huid ter bescherming of zijn gekleurd voor camouflage.  

Bij de plakker en de nonvlinder hebben vrouwelijke rupsen meestal één rupsstadium meer dan de mannelijke. Maar de vrouwelijke rupsen kunnen ook langer blijven doorgroeien in het 5e larve stadium, zoals bij de sleedoornpage. Daardoor groeien de vrouwelijke rupsen langer door en worden ze ook groter als pop en vlinder. Hierdoor vliegen ze tevens later dan de mannelijke vlinders. 

Lees meer over seksuele dimorfie (verschillen in uiterlijk)

Waarom fladderen vlinders? 

Algemeen wordt aangenomen dat vlinders fladderen om zo hun vijanden, zoals vogels, in verwarring te brengen. Ze zijn op die manier in de lucht onberekenbaar in hun gedrag. Trekvlinders daarentegen vliegen als ze op trek zijn meestal in een rechte lijn, want dat is voor hen het meest efficiënt om een grote afstand af te leggen. Ze vliegen dan wel met een hoge snelheid om hun vijanden te kunnen ontlopen. 

Hoe kunnen vlinders vliegen? 

Hoe kunnen vlinders toch vliegen met die grote vleugellappen? Dat doen ze door de vleugels niet als plat vlak te bewegen, maar eerst met de vleugelpunt en dan met de rest van de vleugel. In deze film van enkele nachtvlinders is dat goed te zien.